Docenten raden vwo-leerlingen andere boeken aan dan er gelezen worden: geen Multatuli, wel Hanna Bervoets

22 dec 2025

Shakespeare bij Engels en Multatuli bij Nederlands. Ze zijn vaste prik in de literatuurlessen van vwo-leerlingen. Waarom eigenlijk? Uit onderzoek van Nijmeegse letterkundigen blijkt dat docenten heel andere boeken aanraden zodra leerlingen hun om leestips vragen.

Literatuur is saai en gaat alleen maar over oude boeken. Dat idee hebben veel leerlingen in het voortgezet onderwijs, die vaak al beginnen te zuchten als ze denken aan de verplichting om voor school acht tot twaalf boeken te lezen.

Helemaal onterecht is dat niet, weten letterkundigen Lindsay Janssen en Jeroen Dera van de letterenfaculteit. Zij deden onderzoek naar de boeken die docenten met hun leerlingen bespreken in de bovenbouw van het vwo. Wat blijkt? Die teksten zijn inderdaad oud en komen veelal uit de literaire canon. Denk aan Shakespeare voor Engels en Multatuli voor Nederlands.

Meer leesplezier

Maar als je aan diezelfde leraren zou vragen ‘wat adviseer je nu een leerling die zin heeft om gewoon een leuk boek te lezen’, worden heel andere namen genoemd. Een docent Nederlands oppert dan bijvoorbeeld Hanna Bervoets of Stefan Brijs, collega’s van Engels komen met Matt Haig en Sally Rooney op de proppen.

Het grote verschil tussen wat leraren klassikaal aan de orde stellen en de boeken die ze ‘voor het plezier’ zouden aanraden, staat centraal in het onderzoek dat Janssen en Dera uitvoerden, samen met letterencollega’s van Spaans, Frans en Duits voor Stichting Lezen. Want het zou toch logischer zijn als die twee wat dichter bij elkaar liggen? Vergroot dat niet het leesplezier?

Weten jullie het antwoord op die laatste vraag?

Jeroen Dera (universitair hoofddocent Nederlandse letterkunde): ‘Deels. Uit onderzoek dat ik eerder heb gedaan, weet ik dat een op de drie leerlingen in de bovenbouw van havo/vwo regelmatig een boek leest voor zijn plezier. Een op de drie leest nooit en dan blijft er nog een derde over die we boekentwijfelaars noemen. Die staan best positief tegenover lezen, maar hebben moeite zichzelf ertoe te zetten of hebben weinig tijd. Maar de bereidheid is er dus. Dan helpt het niet dat er een enorm stigma kleeft aan de term literatuur en dat ze de perceptie hebben dat verplichte boeken niet leuk zijn.’

Hoe is dat stigma ontstaan?

Lindsay Janssen (universitair docent Engelse letter- en cultuurkunde): ‘Voor het vak Nederlands moeten leerlingen twaalf werken lezen, daarvan moeten er volgens het wettelijke kader drie van vóór 1880 zijn. Dan hoeft het niet te verbazen dat veel docenten Multatuli en P.C. Hooft aan de orde stellen. Oude verhalen, geschreven door witte mannen. Voor de andere negen werken putten ze vaak uit de literatuurcanon, en die bestaat helaas ook uit voornamelijk klassieke werken van weinig diverse auteurs – terwijl dat helemaal niet hoeft.’

Dera: ‘In tegenstelling tot landen als Frankrijk, Duitsland en Engeland wordt in Nederland niet door de overheid bepaald wat er wordt gelezen. Alles mag. Maar in de praktijk zie je wel dat docenten Nederlands voor hun klassikale keuzes vooral leunen op literatuur van vóór 2000.’

Is die keuzevrijheid er voor de vreemde talen ook?

Janssen: ‘Ja. Het wettelijk kader daar schrijft voor dat er ten minste drie werken gelezen worden. Docenten kiezen zelf welke dat zijn of overleggen het binnen de sectie op hun school. Het mag ook een toneelstuk zijn, of een liedtekst.’

Waarom laten docenten hun leerlingen boeken lezen die ze niet aanspreken?

Janssen: ‘Daar hebben we niet expliciet naar gevraagd. We hebben 355 docenten gevraagd drie lijstjes aan te leveren: wát er voor hun vak wordt gelezen, welke werken er volgens hen in moesten staan als er een landelijke eindexamensyllabus voor hun vak zou komen, en wat hun top tien leerlingaanraders zijn. 210 respondenten vulden de complete vragenlijst in.’

‘Je ziet dat er een enorme discrepantie zit tussen met name het eerste en het laatste lijstje. De meeste docenten bij Engels stellen Shakespeare verplicht, maar niemand zou Shakespeares boeken aanraden om voor het plezier te lezen. Als het gaat om plezierboeken worden veel recentere werken genoemd.’

Dera: ‘Uit ons onderzoek blijkt dat leraren bij het selecteren van een tekst om te bespreken in de klas, in vier van de vijf gevallen denken aan teksten die niet uit de 21ste eeuw komen. In twee derde van de gevallen kiezen ze zelfs voor teksten van vóór de Tweede Wereldoorlog.’

‘Dat is echt een heel hoog percentage, vergeleken met de veelal 21e-eeuwse boeken die leerlingen lezen voor hun literatuurexamen. Als je veel lessen inruimt voor literatuurgeschiedenis om aan die curriculumvereiste te voldoen, blijft er minder tijd over voor hedendaagse boeken.’

Wat kunnen docenten doen om de leeslijst beter aan te laten sluiten bij de interesses van hun leerlingen?

Dera: ‘Hoe belangrijk literair erfgoed ook is, denk ik dat je – zeker in tijden van ontlezing – die recentere werken meer in de etalage moet zetten. Dat kan de beeldvorming van leerlingen rondom literatuur veranderen.’

Janssen: ‘Als je leerlingen aan het lezen wilt krijgen, denk ik ook dat je meer bereikt met een fris en actueel aanbod. Er zijn gelukkig ook docenten die hun leerlingen toestaan om fantasy en science fiction te lezen. En bij Engels is het inmiddels aardig geaccepteerd om young adult toe te voegen.’

Dera: ‘Het valt in ons onderzoek op hoe weinig docenten naar de online media kijken waar jongeren veel op zitten. Denk aan Goodreads en BookTok. Terwijl, als je jongeren wilt betrekken, dan moet je echt daarheen om te leren over hun leescultuur.’

Hebben jullie ook onderzocht wat de jongeren zelf lezen?

Janssen: ‘Nee, dit onderzoek ging alleen over de leesgewoontes van docenten. Het zou een mooie vervolgstap zijn.’

Dera: ‘We weten wel dat er op dit moment heel veel romance wordt gelezen. Engelstalige boeken. Young adult. En romantasy is populair, een genre dat romance en fantasy combineert. Maar we weten ook dat de tijd die jongeren besteden aan lezen, wereldwijd achteruitgaat. Ze lezen überhaupt minder vaak een compleet boek. Des te belangrijker dus dat ze op school ook boeken tegenkomen die ze aanspreken.’

Yvonne Delhey, Sabine Jentges, Maaike Koffeman en Marloes Mekenkamp werkten vanuit de letterenfaculteit ook mee aan het onderzoek. Het onderzoeksrapport is hier te lezen.

Leuk dat je Vox leest! Wil je op de hoogte blijven van al het universiteitsnieuws?

Bedankt voor het toevoegen van de vox-app!

4 reacties

  1. Gera Mateman schreef op 23 december 2025 om 15:24

    Ongelofelijk dat deze boeken bij de docenten nog steeds bovenaan staan. 55 jaar moest ik die ook al lezen. Als ze Nederlands of Engels studeren kan ik het begrijpen, maar ze doen gewoon VWO. Laat ze lekker veel LEUKE boeken lezen. Dat houdt het plezier erin

  2. Han Pasado schreef op 24 december 2025 om 15:49

    Kinderboeken op de leeslijst voor het examen. Wat is de volgende stap? Suske en Wiske? Het uitbannen van bepaalde klassieke werken is de zoveelste manier waarop de Westerse geschiedenis en cultuur uitgeveegd worden. Waarom zou alles wat schoolkinderen voorgezet krijgen “leuk” en “aansprekend” moeten zijn? Iedereen zou kennis moeten hebben van bepaalde klassieke werken. En waarom wordt de racistische en haatzaaiende term “witte mannen” in dat kader gebruikt? Een boek afserveren op basis van de huidskleur van de schrijver, heel veel racistischer wordt het niet.

  3. Joyce schreef op 26 december 2025 om 11:12

    Ik las ergens graag als kind en tiener. Het vour het Nederlandse Schoolexamen lezen van 40! Voor het VWO (examenjaar 1995) Verplichte Nederlandse literaire werken uit verschillende tijdsperioden heeft voor mij voir vele jaren het leesplezier vergalt. Tegenwoordig lees ik inderdaad vooral Engelse populaire boeken. Met Harry Potter heb ik het leesplezier teruggevonden en lees ook nu vooral veel young adult boeken.

  4. Patrick A schreef op 26 december 2025 om 15:40

    Ik geef Nederlands aan leerlingen in de bovenbouw van het vwo en ik sta volledig achter de keuze van mijn sectie om leerlingen in aanraking te brengen met werk uit het verleden. Ik vind het namelijk belangrijk dat leerlingen in aanraking komen met opvattingen, dromen, verlangens, schoonheidsidealen en taboes die totaal verschillen van die verschillen van de onze. Ik ben om die reden dan ook niet geneigd de Middeleeuwen te ‘zuiveren’ van voor ons merkwaardige religieuze opvattingen, te doen alsof de renaissance en verlichting eigenlijk heel vrouwvriendelijk waren en de Max Havelaar voor te stellen als een kritiek op het kolonialisme. Ik wil overigens graag dat leerlingen Accord en Aron en Rijneveld lezen en vindt het prima als er soms slechtgeschreven ontspanningslectuur van Arjen Lubach of Marion Pauw op de lijst prijkt. Maar daar moet het bij literatuuronderwijs niet om gaan. Literatuur gaat niet alleen over ‘plezier.’ Het gaat om steeds weer opnieuw kritisch naar jezelf en je eigen tijd leren kijken. Het gaat om ontwikkeling van een eigen smaak en oordeel. Wie tijdverdrijf zoekt, wordt ruim bediend. Daar is de school niet voor nodig.

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!

Vox Update

Een directe, dagelijkse of wekelijkse update met onze artikelen in je mailbox!

Wekelijks
Nederlands
Verzonden!