Henk-Jan Klein Ikkink is 52 en studeert geneeskunde. ‘Arts op de spoedeisende hulp worden, lijkt me mooi’
-
Henk-Jan Klein Ikkink. Foto: Johannes Fiebig
Hij ging met zijn dochter mee naar een open dag van geneeskunde en wist meteen: dit is het. Niet voor haar, maar voor hemzelf. Weinig later stopte Henk-Jan Klein Ikkink (52) met werken in de IT en om te beginnen aan de voltijds studie.
Je werd gewoon ingeloot?
‘Ja, gelukkig wel, meteen de eerste keer.’
En je bekostigt de opleiding zelf?
‘Ik krijg geen studiebeurs dus ja, zelf, van mijn spaargeld. Voor het collegegeld van 2500 euro heb ik een lening afgesloten bij DUO. De eerste twee jaar red ik het wel. Daarna weet ik nog niet goed hoe ik het ga doen, omdat ik nu natuurlijk ook geen inkomsten heb. Mijn noodplan is dat ik mijn huis in Deventer verkoop.’
Wilde je altijd al dokter worden?
‘Ik heb er wel aan gedacht toen ik mijn diploma biochemie had gehaald aan het hbo. Maar ik zag mezelf op de een of andere manier meer als een techneut dan als een mensenmens. Ik ben de IT ingegaan.’
Wat miste je in de IT?
‘Op het laatst werkte ik in de cybersecurity. Dat is best zinnig werk, alleen is het heel abstract en voel je niet echt voor wie je het precies doet. Een jaar of vier geleden kwam ik tot de conclusie dat ik alles voor elkaar had: ik werkte met een leuke groep mensen, verdiende goed, had veel vrijheid in mijn werk. Maar toch miste er iets. Toen begon het tot me door te dringen dat ik een techneut én een mensenmens ben.’
Heb je je baan opgezegd om te kunnen studeren?
‘Mijn oorspronkelijke plan was minder te gaan werken zodat ik geneeskunde ernaast kon doen. Maar toen ik al was toegelaten tot de opleiding kreeg ik te horen dat mijn functie wegens bezuinigingen kwam te vervallen. Dat bleek uiteindelijk een blessing in disguise. Ik kreeg een ontslagvergoeding mee. Werken en studeren had ik nooit kunnen combineren, weet ik nu.’
Hoe bevalt de studie?
‘Geweldig. Ik vind alles leuk. De vakken, de campus, mijn medestudenten, de docenten. Dat was meteen zo toen ik hier met mijn dochter het gebouw binnenstapte. Ik voelde gewoon: in deze academische omgeving hoor ik thuis.’
Is studeren lastiger als je vijftiger bent dan als twintiger?
‘Het was wennen, van werken naar studeren. Maar het gaat gewoon goed, ik ben net begonnen aan mijn tweede jaar. Ik heb niet het idee dat mijn hersenen zo verkalkt zijn dat ik het allemaal niet meer weet. Ongeveer twee dagen in de week ben ik in Nijmegen; studeren doe ik thuis. Vorig jaar was ik wekelijks ongeveer 35 uur kwijt aan mijn studie.’
‘Ik heb niet het idee dat mijn hersenen zo verkalkt zijn dat ik het allemaal niet meer weet’
‘Ik pak de studie nu veel serieuzer aan dan dertig jaar geleden. Inmiddels vraag ik me af hoe ik dat destijds in hemelsnaam voor elkaar heb gekregen met zo veel zuipen erbij, haha.’
Is deze studie moeilijker dan de hbo-opleiding biochemie?
‘Nee, niet moeilijker. Maar het is méér. Het voordeel dat ik heb ten opzichte van mijn medestudenten is dat ik er niet nog een heel studentenleven naast hoef te leiden. Ik heb geen last van fomo.’
Ben je lid geworden van een studentenvereniging?
‘Zitten die mensen daar op te wachten? Ik denk het niet. Maar ik heb wel meegedaan met de introductie vorig jaar. Dat waren mijn fifteen minutes of fame, zeg maar. Kwam ik met zo’n kudde introgangers de kroeg in, werd ik aangesproken: “Hé, jij bent die oude student! Mag ik met je op de foto?”’
Word je weleens voor docent of arts aangezien?
‘Dat heb ik één keer gehad. Een docent zag me zitten en vroeg: “Kom jij mijn les waarnemen?”’
Wat fascineert je zo aan het menselijk lichaam?
‘Hoe het werkt. De chemische reacties die in principe heel simpel zijn, maar als je een keten van chemische reacties achter elkaar zet, wordt het een heel complex mechanisme. Wat me aan het vak erg bevalt is de interactie tussen mensen en het idee dat je anderen met je kennis kunt helpen.’
Wat wil je met deze studie?
‘Arts op de spoedeisende hulp worden, lijkt me heel mooi. Of in het buitenland aan de slag gaan, bij Artsen Zonder Grenzen bijvoorbeeld. Ik denk dat het voor mij bij basisarts blijft, want als je je wilt specialiseren moet je solliciteren op een opleidingsplaats en ik kan me voorstellen dat ze daar niet scheutig mee zijn bij iemand die – tegen die tijd – midden vijftig is. En eerlijk gezegd wil ik een jongere kandidaat ook niet in de weg zitten.’
Hoe reageerden je kinderen op deze carrièreswitch?
‘Ik heb er drie en die kennen me langer dan vandaag. Ze reageerden zo van “tuurlijk… heb je hém weer”. Maar ze zijn groot. Voor hen hoef ik niet per se thuis te zijn. Een partner heb ik niet, ik ben helemaal vrij.’
Is je dochter na die open dag in Nijmegen ook geneeskunde gaan studeren?
‘Nee, zij weet nog steeds niet wat ze wil doen. Mijn andere dochter doet verpleegkunde. Mijn moeder was ook verpleegkundige, net als mijn zus. Het medische zit wel in de familie. Ik ben hartstikke happy hier.’
