Hoe Nederland een fietsland werd

13-06-2017, 14:15

De koning fietste vanochtend een deel van het RijnWaalpad. Foto: Velo-city.

Velo-city, het grootste fietscongres ter wereld, is deze week in Nijmegen en Arnhem. Zo’n 1.500 buitenlandse fietskenners komen zich vergapen aan de Nederlandse infrastructuur en kennis op het gebied van tweewielers. Hoe werd ons land een mondiaal fietsersmekka?

Nederland kent meer fietsen dan inwoners (ruim 22 miljoen tegenover 17 miljoen) – waarmee het zonder twijfel fietsland nummer één is. En dat is al jaren zo. Tussen de lezingen van het fietssymposium door legt de Nijmeegse planoloog Karel Martens uit hoe dat zo is ontstaan.

‘In Nederland is de fiets echt onderdeel van het leven’, zegt Martens. ‘Zo is het je plicht als ouder om je kind te leren fietsen. Dat zie je nergens anders ter wereld.’ Nederland heeft – als fietsland – een paar dingen mee. Het is vlak, dichtbevolkt en de steden zijn redelijk overzichtelijk en compact. Maar dat Nederlanders massaal op twee wielen rijden, heeft ook historische oorzaken.

‘Vroeger werd in alle steden ter wereld gefietst’

‘In alle steden ter wereld is vroeger volop gefietst’, zegt Martens. ‘Maar in Nederland is dat na de komst van de auto minder snel teruggelopen dan elders. Nederlanders waren na de oorlog redelijk arm en velen konden zich geen auto veroorloven.’

Een paar decennia later bleken vreemd genoeg ook de verzuiling en ons schoolsysteem bij te dragen aan fietsland Nederland. ‘Kinderen gaan in Nederland vrijwel nooit met gezamenlijk vervoer als een schoolbus naar school. Tijdens de verzuiling moesten protestantse kinderen uiteraard naar protestantse middelbare scholen, enzovoort. Maar die scholen lagen vaak zo ver van huis, dat de kinderen moesten fietsen. Als kinderen massaal fietsen, dan blijven ze dat vaak ook in hun latere leven in enige mate doen.’

De fietsende scholieren hadden het overigens niet altijd gemakkelijk. Aparte fietspaden waren er nog niet. Nederland lag vol met tweebaanswegen waar fietsers ook gebruik van moesten maken. ‘En automobilisten deden toen maar wat. Niet zelden reden ze als gekken rond.’ Het gevolg: er vielen jaarlijks tot wel drieduizend verkeersdoden, vaak jonge fietsers. In 1973 werd stichting Stop de Kindermoord opgericht om daar wat aan te doen. ‘Die stichting is heel succesvol gebleken en toen zijn er enorme stappen gezet in de aanleg van bijvoorbeeld aparte fietspaden. Daar is de basis gelegd voor ons huidige netwerk van fietspaden en -voorzieningen.’

1 reactie

  1. Edwin schreef op 18 oktober 2017 om 09:47

    De demonstraties tegen de vele ongelukken waar kinderen mee gemoeid waren, die waren ook zeer belangrijk.

Geef een reactie