Is het echt zo erg gesteld met vertrekkende bestuurders?

13-01-2017, 08:02

Zijn de bestuurskamers van universiteiten inderdaad een een duiventil? Foto Andrew Gustar, CC

In zijn afscheidsrede deze week als collegevoorzitter sprak Gerard Meijer zijn zorgen uit over de snelle doorloop in de universiteitsbesturen. Vox maakt een ronde langs de veertien universiteiten om de uitspraken van Meijer te checken.

Poppema#De collegevoorzitters
‘Slechts twee zijn er langer in functie dan ik’, zei Gerard Meijer, zelf aangetreden in september 2012. Inderdaad is Meijer in zijn ruim vier jaar durende regeerperiode in Nijmegen al uitgegroeid tot oudgediende in het gezelschap. Twee collega’s zitten nog langer op het voorzitterspluche: de een is Martin Paul (sinds 2011 eerste man in Maastricht), de ander Sibrand Poppema (foto), die vanaf 2008 de scepter zwaait in Groningen.

#De vice-voorzitters
Zoals in de nieuwjaarsrede gesteld, maken vijf van de veertien universiteiten in dit echelon een wisseling van de wacht door. Een aantal keren vanwege pensioen, één keer om gezondheidsredenen en in een vijfde geval omdat de universiteit van een twee- naar een driekoppig bestuur overstapt: Tilburg University zoekt naast de voorzitter en de rector momenteel een derde bestuurslid in het college.

#De rectores magnifici
‘Tien van de huidige rectores zijn na mij benoemd’, aldus Meijer. Dat klopt. Vox noteert vier universiteiten met een rector die al op het pluche zat vóór september 2012: Anja Oskamp aan de Open Universiteit, Elmer Sterken in Groningen, Bert van der Zwaan in Utrecht en – dé oudgediende in het gezelschap – Karel Luyben in Delft, rector sinds januari 2010.

#De secretarissen
Hierover bleef Meijer in het vage, met zijn uitspraak in de nieuwjaarsrede dat “het met de secretarissen niet beter is gesteld, afgezien van de situatie in Nijmegen”. Als we opnieuw september 2012 als grenspaal slaan, is het beeld van een duiventil niet ver weg. Slechts een handjevol secretarissen heeft Meijer in 2012 zien komen, en juist deze maanden maken liefst vier, soms al langer zittende mannen plaats voor een nieuweling. Dat Nijmegen op dit punt een toonbeeld van stabiliteit is met ‘onze’ secretaris Jef van de Riet is waar. Hij trad hier aan in 2005, na een al twaalf jaar durende zelfde functie in Tilburg. Je kunt hem met recht de nestor van het gezelschap secretarissen noemen.

Geef een reactie