Jacqueline’s laatste jaar: Winnen van Spanje
Er zijn een hoop dingen waar Nederlanders de blits mee maken in het buitenland. Waterwerken, drugsbeleid, pittenzakken: je kunt er een groot aantal monden mee doen openvallen. (Serieus, niemand hier heeft ooit een pittenzak gezien in zijn leven.) Maar er is één ding waarmee we hopeloos verliezen: lekker eten. Dat werd vooral – pijnlijk – duidelijk op het ‘World Dinner’, waarvoor alle internationale studenten iets moesten koken uit hun eigen land. May the best food win.
De tafels waren afgeladen. Amerikaanse appeltaart, Finse slagroomsoezen, Spaanse tapas, Italiaanse pasta, Duitse Schwarzwalderkirschtorte, noem het maar op. En hoe werden de Nederlanders vertegenwoordigd? Met een bakje hutspot en wat gehaktballen. We waren kansloos. Ons oranje-witte prutje stak schraal af tegen de Franse kaasjes, Tsjechische aardappelkoekjes en exotische salades.
Waar stonden we nog meer om bekend? O ja, onze gierigheid. Dat blijkt gelukkig wel mee te vallen. Sterker nog, de Hollanders zijn zo ongeveer de enigen die de rekening niet per se tot op de cent precies willen delen. Zelfs in het restaurant, waar iedereen precies vijftien euro moest betalen (lang leve het Jack-Daniels-kip-menu), brak er een kleine wereldoorlog uit aan tafel. De Spanjaarden wilden dat iedereen apart betaalde – waar het restaurant niet mee akkoord ging omdat we met z’n 23’igen waren – de Nederlanders stelden voor alles gewoon op één berg te gooien, Zwitserland hield wijselijk zijn mond en de Canadezen kozen de kant van de Spanjaarden.
Verrassend genoeg probeerden de Duitsers de boel te sussen. De Nederlanders wonnen. Het was een kleine overwinning, maar toch. Eén keer van de Spanjaarden verliezen is genoeg voor een heel studentenleven.