Column Adriaan Duiveman: Anders is niet altijd beter
-
Adriaan Duiveman. Foto: Dick van Aalst
Columnist en historicus Adriaan Duiveman merkt dat hij recalcitrant wordt van 'veranderkundigen'. Want anders is lang niet altijd beter.
De duurzaamheidsmanager was net afgestudeerd maar had nu al een goede functie bij een groot bedrijf. Ze zat, net als ik, bij de sessie Futures in societal transformations in een zaaltje in het Elinor Ostrom. De duurzaamheidsmanager was ambitieus, voor haarzelf maar ook voor het milieu. Overal in de organisatie zette ze de Groene Sprong Voorwaarts. Maar één afdeling, verzuchtte ze, werkte maar niet mee. Ik kreeg het beeld van een Debiteuren Crediteuren-kantoor met, onder bleek TL-licht, een aantal mokkende knarren in blokjesblouses. Deze tegenstribbelaars namen haar niet serieus, vertelde de duurzaamheidsmanager, en ze wilden niet in beweging komen. De andere deelnemers van de sessie knikten aanmoedigend. Ondertussen voelde ik ergens, diep van binnen, iets opborrelen: begrip. Voor de knarren.
Als historicus houd ik me de laatste tijd bezig met de transitiekunde en futures studies. Dat zijn opkomende, knetterhippe veldjes van wereldverbeterende wetenschappers en professionals. Je vindt er een levensenergie die je in geschiedenisdepartementen zelden tegenkomt. De afwisseling is dus welkom.
Legitieme weerstand
Ondanks het aanstekelijke idealisme merk ik dat het transitie- en toekomstwereldje me regelmatig recalcitrant maakt. Zoals tijdens die ene workshop in EOS. Of toen ik laatst een rapport las van Radboudwetenschappers Marieke Fransen en Lisa Vandeberg, getiteld Weerstand tegen verandering ontrafeld. Ik twijfel niet aan de kwaliteit van het onderzoek, laat staan die van de verwante publicatie in een gerenommeerd psychologentijdschrift. Het is niet mijn veld, de resultaten zijn goed onderbouwd en de twaalf redenen van weerstand die ze onderscheiden zijn erg inzichtelijk.
Toch miste ik iets. Het rapport draait om hoe je met je communicatiestrategie tegenstribbelaars alsnog meekrijgt. In een bijzin staat dat hun weerstand je er misschien toe kan zetten om de transitie anders vorm te geven. Maar dat verandering moet plaatsvinden, is een gegeven. Anders, zo lijkt de aanname, is beter. Nergens wordt een simpel feit erkend: weerstand tegen verandering is heel vaak legitiem.
Postalgie
De organisatiewetenschapper Sierk Ybema waarschuwt voor ‘postalgie’. In plaats van een nostalgisch verlangen naar een geromantiseerd verleden, is postalgie het tegenovergestelde: het verlangen naar een geromantiseerde toekomst. Postalgische organisaties zitten daardoor in een constante ‘verandermanie’, aldus oud-Deloitte-consultant Ashley Goodall. En dat terwijl stabiele organisaties juist beter presteren.
Er zijn voorbeelden te over van veranderingen die op z’n minst trade-offs eisten: sommige dingen werden beter, andere slechter. Daarnaast bereikten veel transities helemaal niet de gewenste resultaten. Nederlandse scholen hebben bijvoorbeeld decennia aan onderwijsinnovaties achter de rug. Het gevolg: alleen maar verder dalende PISA-cijfers. Leraren experimenteren nu weer met ‘klassiek onderwijs’, zoals directe instructie en, je gelooft het niet, héle boeken lezen. Ondertussen betogen waterbeheerders dat we terug moeten keren naar oudere landschappen en vroegere vormen van ‘leven met water’, soms zelfs op terpen. Waren we daar in het jaar 800 al niet mee gestopt? De geschiedenis, zo ontdekken ze, herbergt antwoorden op klimaatverandering.
De Britse schrijver G.K. Chesterton bedacht eens de ‘regel van het hek’. Hij vertelde een verhaal over twee hervormers die een hek tegenkomen op een pad. De ene zegt: ‘Wat doet dat ding hier? Weg ermee!’ De andere, wijzere hervormer vraagt eerst waarom het bouwsel er ooit door iemand is neergezet. Misschien heeft het een functie die de nieuwkomer niet ziet. Want soms, heel soms, zetten knarren in blokjesblouses een hek neer met een reden.
Lees alle columns van Adriaan Duiveman
Christian schreef op 28 oktober 2026 om 12:38
If it ain’t broke, don’t fix it!