Meten is niet alleen weten, het is ook vergeten
-
Willem Halffman. Foto: Dick van Aalst
Meten is ook vergeten, beweert onze onmeetbare columnist. Elke meting is namelijk een reductie van een complexe werkelijkheid.
“Meten is weten!” is het krachtdadige devies van de harde Bèta en de ingenieur. Het bekt lekker, roept op tot praktisch handelen en suggereert een levensmotto waar je op kan bouwen. Geen gelul: wil je weten of je koorts hebt? Stop er een thermometer in!
Doorgaans is het een nuttige wenk, waarvan je veel kan leren en knopen mee doorhakt. Het kan vriezen of het kan dooien, maar de thermometer weet het zeker. Pas als de ijsmeester de meetstok hanteert, weet je echt dat het veilig schaatsen is.
De grap is dat ook het omgekeerde waar is: meten is ook niet-weten. Sterker nog, meten is alleen mogelijk doordat je een heleboel complexiteit negeert, weglaat. Dat het water blauw, verontreinigd, vloeibaar of zout is, doet er voor de thermometer niet toe. De thermometer registreert alleen temperatuur.
Elke meting is een reductie van een complexe werkelijkheid tot één eigenschap, precies gedefinieerd en handig verpakt in je meetmiddel. Meten is dus ook vergeten! Maar dat rolt natuurlijk niet zo lekker van de tong, zeker niet als lijfspreuk. Gelukkig weet de ijsmeester dat de kleur en de scheuren van het ijs óók relevant zijn.
Meten is eigenlijk vergelijken. De ijsmeester vergelijkt de dikte van het ijs met de streepjes op de meetstok. De streepjes op de meetstok zijn waarschijnlijk afgemeten aan een meetlint, uiteindelijk geijkt door een normalisatie instituut. Vroeger trok dat proces zelfs door tot de platina standaardmeter in Parijs (bij vaste temperatuur – vanwege de uitzetting).
De klassieke thermometer meet je af aan de streepjes naast de uitzettende vloeistof. De Celsius thermometer vergelijkt eigenlijk je koorts met het bevriezen of koken van water onder heel specifieke omstandigheden, bij gelijke druk, zuiverheid en wat verder relevant is voor kook- en vriespunt. (Voor de duizelingwekkende historische details: lees Hasok Chang.)
De thermometer en de meter zijn daarmee dus eigenlijk ook gelijkmakers. Je meet of iets langer of korter is dan de streepjes op je meter, maar tegelijk reduceer je ook alles wat je meet tot lengte en breedte. Vanuit het perspectief van de thermometer zijn je anus en het ijs op de sloot in essentie hetzelfde. Dat is natuurlijk niet écht waar, maar best nuttig, zodat je niet met je reet door het ijs zakt.
Lees alle columns van Willem Halffman