De Denker over augustus: de paradox van het toerisme

31-08-2018

Aan het eind van de maand reflecteert Denker des Vaderlands René ten Bos op een kwestie uit de actualiteit. Met vandaag de vraag of we wel of niet de zegeningen van het toerisme mogen tellen.

Het is de laatste jaren bon ton om af te geven op het toerisme. Het zou vervuilend zijn, de inheemse culturen verstoren dan wel overlast bij de ontvangende steden en landen, zie het debat over Amsterdam. René ten Bos erkent de bezwaren, maar plaatst daar tegenover graag de meerwaarde van het reizen: de leerrijke ervaringen die je opdoet, de wereld die opengaat met andere talen en culturen, de gewoontes die je doorbreekt. ‘Maar zoals met alles wat wij ondernemen, zitten er ook negatieve kanten aan, het barst van de paradoxen als je over toerisme gaat nadenken.’

Ten Bos laat de balans doorslaan naar een ja voor het toerisme, wijzend op de studenten die na hun school- of studiejaren een jaartje gaan reizen of werken in een ver land. ‘Dat kun je alleen maar aanmoedigen. En wat is het alternatief? Dat iedereen maar stil op zijn stoel blijft zitten en nergens meer komt?’ Bovendien zit er een paradox in de kritiek op toerisme van mensen die zélf de wereld bereizen. ‘Ik heb altijd plezier gehad van mijn reizen, van mijn ervaringen en ontmoetingen. Wie ben ík dan om anderen te zeggen dat ze niet zouden mogen reizen?’

Wandelen in Ierland

Ten Bos zelf heeft in zijn vakantie gedoceerd in Frankrijk en gewandeld in Ierland, waar hij zijn geliefde tijdsbesteding heeft beoefend: lopen in de heuvels, genieten van de stilte van de oude veengebieden, nadenken over het paradoxale in het landschap dat zich tijdens zijn wandelingen openbaart. ‘Je lijkt te zijn ondergedompeld in verwilderde natuur, terwijl het gebied feitelijk hopeloos door de mens is gedetermineerd. Het landschap is verarmd, eigenlijk loop je door een woestijn.’

Menigeen probeert zich aan de toerismeparadox te onttrekken door zichzelf als ‘reiziger’ te afficheren: die zou respect hebben voor mensen en natuur, zich door studie of werk verbinden met het gebied dat hij bezoekt, en zich verre houden van de hedonistische vakantiestijl van de ‘toerist’. Ten Bos moet niks van dit onderscheid hebben. Modieuze praatjes van een linkse elite, moppert hij. ‘Ecosofen die de wereld overvliegen en intussen anderen proberen duidelijk te maken dat ze niet zoveel moeten vliegen.’

Reizen is werken

Bovendien: reizen is sowieso werken, ook voor de mensen die in dit debat als ‘toerist’ worden weggezet, maar voor wie vakantie zoveel méér is dan het niks doen dat wordt verbeeld in de gezinsfoto op het strand. Hoezo hedonistische ontspanning, wijst Ten Bos op de files, de misère van overgeboekte hotels, en op de ziektes en andere ongemakken. Hij memoreert zijn eigen ervaring met de strijd tegen de lethargie van ouder wordende kinderen, die op de achterbank en tijdens stadsbezoeken van een vakantie soms een beproeving maken. ‘Daar is geen onderscheid met de reiziger. Iedereen op reis doet ervaringen op, en moet er soms hard voor werken.’

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!

Vox Update

Een dagelijkse of wekelijkse nieuwsbrief met onze artikelen in je mailbox!

Wekelijks
Nederlands