Heleen de Coninck is koppig optimistisch: ‘1,5 graden kan wél, als we lef hebben’

21 jun 2022

Zestien Nederlandse klimaatwetenschappers denken dat het niet gaat lukken om de opwarming van de aarde te beperken ‘tot ruim onder de 2 graden’. Dat bleek vorige week uit een rondgang van Nieuwsuur. Klimaatwetenschapper Heleen de Coninck denkt daar anders over.

‘Beperken opwarming aarde gaat mislukken’, kopte de NOS vorige week. Nieuwsuur had 24 Nederlandse klimaatwetenschappers, die meeschreven aan het IPCC-klimaatrapport, gevraagd naar de meest waarschijnlijke temperatuurstijging aan het eind van deze eeuw. Van de zestien wetenschappers die hun verwachting uitspraken, denkt niemand dat het haalbaar is om de opwarming te beperken tot ruim onder de 2 graden. Die grens – en liefst 1,5 graden – werd afgesproken in het klimaatakkoord van Parijs (zie kader).

Hoogleraar aan de TU Eindhoven en Radboudonderzoeker Heleen de Coninck, die ook meeschreef aan het IPCC-rapport, kijkt er anders tegenaan. ‘Kijk, het IPCC-rapport is duidelijk: het kán nog. Het wordt wel ingewikkeld, maar het kan. Dus laten we er vooral alles aan doen om dat voor elkaar te krijgen.’

Als de donder

Hoe kan het dan dat zestien van haar collega’s zo stellig verkondigen dat we de Parijsdoelen niet gaan halen? De Coninck vermoedt dat het ligt aan de vraag die Nieuwsuur stelde. ‘Als je vraagt op welke temperatuur we gaan uitkomen, vraag je in feite: waar denk je dat de mondiale politiek ons gaat brengen?’ De voorspellingen gaan volgens de onderzoeker dus over de waarschijnlijkheid dat de politiek actie onderneemt, niet over de vraag of een opwarming van 1,5 graden nog mogelijk is volgens de temperatuurscenario’s van het IPCC.

Die laatste vraag beantwoordt De Coninck met een volmondig ‘ja’. ‘Geofysisch kan het nog. Als de mondiale broeikasgasemissies pieken voor 2025 en ongeveer halveren in 2030, én als er netto nul CO2-uitstoot is in 2050, is er nog een redelijke kans op die 1,5 graden. Technisch kan het, ook op mondiaal niveau. Ook als de miljarden mensen die nu nog te weinig energie, voedsel en materialen gebruiken, dat wel gaan doen.’

‘Laten we er alles aan doen om het voor elkaar te krijgen’

Makkelijk zal het niet worden, beseft de klimaatwetenschapper maar al te goed. ‘Het vergt een soort oorlogseconomie, een systeemtransitie. Je moet echt hele grote investeringen doen. Dat was ook de boodschap van het Nieuwsuur-item: we moeten echt als de donder aan de gang. Dus wat dat betreft vond ik het een mooie reportage.’

Koppig optimisme

Op de aanpak van de rondvraag, waar zestien wetenschappers aan meededen, heeft De Coninck wel wat aan te merken. ‘Als je een survey doet, moet je eigenlijk een wat representatievere steekproef doen. Waarom zou de mening van, zeg, een zeespiegelstijgingsexpert over de politieke waarschijnlijkheid van de uitstoot van broeikasgassen ertoe doen? Ik denk dat een aantal wetenschappers niet heeft geantwoord omdat ze zich niet gekwalificeerd voelden om het antwoord te geven.’

‘Systeemverandering kan sneller gaan dan je denkt’

Het is bovendien niets voor De Coninck om te zeggen dat het niet meer gaat lukken. ‘Als ík er al niet in geloof, dan weet je zeker dat het niet gaat gebeuren,’ zegt de klimaatwetenschapper. ‘Dat heb ik van Christiana Figueres, het voormalige hoofd van het VN-klimaatsecretariaat. Zij heeft uit koppig optimisme besloten dat wat er ook gebeurt, ze erin blijft geloven. Ze zegt dat ze het verplicht is. Dat het gewoon niet anders kan.’

Sneeuwbaleffect

Dat optimisme is niet uit de lucht gegrepen, vindt De Coninck. ‘Systeemverandering kan sneller gaan dan je denkt, dat gaat niet lineair. Met duurzame elektriciteit (zoals zonne-energie, red.) is dat ook gebeurd. De innovatie, beleidsontwikkeling en gedragsveranderingen gingen zó snel, een paar jaar geleden had niemand dat voorspeld. We hebben nu een heel trieste terugval, met kolencentrales die weer een paar jaar volop mogen draaien, maar dat zijn duidelijk de laatste stuiptrekkingen van een sector die helemaal gaat verdwijnen.’

Heleen de Coninck. Foto: Dick van Aalst

Volgens De Coninck kunnen andere transities net zoveel vaart krijgen. ‘Die duurzame elektriciteit moet voorop lopen. Uiteindelijk gaan de industrie en het verkeer op elektriciteit draaien, en dan moet die energie wel CO2-vrij zijn.’ Ze verwacht dat het heel snel kan gaan met maatregelen op het gebied van mobiliteit, zoals elektrische auto’s. ‘Stel dat je steden echt gaat veranderen, dan kun je ook daar in tien jaar flinke stappen nemen.’

Natuurlijk duurt het even voordat vervuilende energie tot de verleden tijd behoort, zegt de onderzoeker. ‘Maar als we de juiste maatregelen nemen, zullen sectoren gaan innoveren. Dan gaan de kosten naar beneden, wordt de vraag hoger, en gaat het balletje rollen. Dat zag je ook bij zonne-energie, dat was echt een soort sneeuwbaleffect. De kosten zijn in een paar jaar gigantisch gekelderd.’

De Coninck blijft daarom, net als VN-hoofd Figueres, koppig optimistisch. ‘Ik denk echt dat het harder kan gaan dan we denken. Als er maar genoeg lef zit in de samenleving én bij de overheid.’

1 reactie

  1. Etske thie schreef op 25 juni 2022 om 00:38

    Dank je wel. Dat had ik nodig. Koppig optimisme is vele malen beter dan betweterig opgeven. Dit gaat over miljarden mensenlevens, dier en plantsoorten en ook miljarden schade… dat te voorkomen is, indien we als een malle gaan doen wat moet. Het kan wel!

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!

Vox Update

Een directe, dagelijkse of wekelijkse update met onze artikelen in je mailbox!

Wekelijks
Nederlands
Verzonden!