KNAW geeft universiteiten tik op vingers om taalbeleid

11-07-2017, 12:00

Foto: Erik van 't Hullenaar

Universiteiten en hogescholen moeten bij de invoering van de Engelstalige bachelors minder van bovenaf dirigeren. Leg meer autonomie bij de opleidingen, adviseert een KNAW-commissie. De opleidingen weten het best wat hun studenten nodig hebben voor hun vorming en latere beroepspraktijk.

De Radboud Universiteit strooit in haar wens om meer Engelstalige bacheloropleidingen op te zetten al een paar jaar met streefcijfers. Voormalig collegevoorzitter Gerard Meijer hoopte dat in 2020 de helft van de bacheloropleidingen in Nijmegen Engelstalig zou zijn. In het Strategisch Plan van de universiteit staat het streven dat de helft van alle faculteiten in 2020 tenminste twee bacheloropleidingen in het Engels aanbiedt. Maar dat is niet de manier om de kwaliteit van je onderwijs te waarborgen, waarschuwt een KNAW-commissie onder leiding van de Utrechtse hoogleraar Janneke Gerards. Op verzoek van de minister van OCW heeft die commissie het taalbeleid in het hoger onderwijs in kaart gebracht. Vandaag wordt het rapport “Nederlands en/of Engels? Taalkeuze met beleid in het Nederlands hoger Onderwijs” aangeboden aan de minister.

Maatwerk

De commissie stelt dat meer maatwerk nodig is als het gaat om de keuze voor het Engels of Nederlands. Want elke opleiding heeft andere doelstellingen als het gaat om de inhoud, de voorbereiding van studenten op latere beroepen en de academische vorming of professionele vorming. ‘Een goede beheersing van het Engels is voor vrijwel alle sectoren nuttig, maar het is daarvoor lang niet altijd nodig dat de opleiding als zodanig in het Engels wordt aangeboden. (…) Wel lijkt het erop dat in de meeste beroepssectoren waar afgestudeerden terechtkomen, een goede beheersing van het Nederlands gewenst is.’

Waarom zou je in je onderzoeksmaster niet ook een andere taal dan Engels opnemen?

De uitkomst hoeft overigens geen keuze te zijn tussen Engels óf Nederlands. ‘Allerlei tussenvormen zijn mogelijk.’ Waarom zou je in je onderzoeksmaster niet ook een andere taal dan Engels opnemen, in je Nederlandstalige bachelor ook Engels en in je Engelstalige bachelor niet ook Nederlands? ‘In ieder geval is het zaak dat ook bij Engelstalige opleidingen voldoende aandacht bestaat voor Nederlandstalige taalvaardigheid wanneer de opleidingen vooral afgestudeerden aflevert die op de Nederlandse arbeidsmarkt moeten gaan functioneren.’

Foto: Erik van ’t Hullenaar

En als je als opleiding kiest voor een Engelstalige bachelor, schep dan meteen goede randvoorwaarden, bijvoorbeeld door te investeren in contacten tussen buitenlandse en Nederlandse studenten. Met alleen een taalcursus zijn de docenten niet geholpen, stelt de commissie. Er zou ook aandacht moeten zijn voor de didactische kant van het geven van onderwijs in een vreemde taal. Want Engelstalig onderwijs vraagt ook om andere voorbeelden en aandacht voor culturele verschillen tussen studenten.

Geluiden

Voorzitter Gerards is niet bang dat dit rapport in een diepe la op het ministerie verdwijnt, zoals is gebeurd met het KNAW-rapport ‘Nederlands, tenzij’ uit 2003. ‘Ik geloof dat de aanbevelingen die wij doen goed bruikbaar zijn voor de instellingen. De eerste geluiden van bestuurders zijn ook positief: ik hoor dat men blij is dat het rapport houvast en richting geeft aan hoe ze hun taalbeleid moeten inrichten.’

1 reactie

Geef een reactie