Welters’ weemoedige wereld: Herhaling

28 mrt 2011

Onderwijzen is herhalen. Dit vertrouwt de aardige wiskundeleraar met pre-pensioen, die op het Universitair Sportcentrum wel eens amechtig naast me zit te spinnen, me geregeld toe. Dat zal zeker kloppen voor integraal- en differentiaalrekenen. Maar geldt het ook voor de meer beschouwende lessen die ik geacht wordt te debiteren?

Mijn angstdroom is om in steeds verveelder kijkende studententronies te herhalen dat wijsgerige ethiek geen Lagerhuisachtig schreeuwspel is, maar behoedzaam laveren tussen utilitarisme, deontologie en deugdethiek. Voor de zoveelste keer ophoesten dat denken dat de mens de kroon op de evolutie is, hetzelfde is als suggereren dat de Eiffeltoren alleen maar is gebouwd ter ondersteuning van het laagje chroom op de top, zoals ik naar analogie van Mark Twain vorige week ook al op deze plek tikte.

Ten onrechte. Want elke keer als ik me betrap op het herhalen van een voorlopige filosofische definitie, dezelfde kritische noot of een running gag, kijken studenten me aan of ze het in Keulen horen donderen. Dit zal vast aan mijn nog nooit officieel door het IOWO (het onderwijskundig politbureau van onze universiteit) getoetste didactische herhaalkwaliteiten liggen – wat ik zeg blijft kennelijk niet plakken. Maar ik denk dat er ook iets anders aan de hand is. Als het niet meer om koel rekenen maar om interpreteren en de menselijke maat gaat, ontstaat er een fuzzy schisma tussen dramatiseren en dedramatiseren.

Waarbij de wetenschap, uiteraard, aan de ontnuchterende, verkoelende kant zou moeten staan. Wat volgens Louise Fresco, die afgelopen vrijdag de Kohnstamm-lezing uitsprak, echter steeds moeilijker wordt:
“Pessimisme en irrationaliteit groeien in omgekeerd evenredige verhouding met wetenschappelijke kennis. Zoals we nu ook zien met de kernramp in Fukushima ligt een zakelijke, statistische benadering van risico’s geen enkel gewicht in de schaal ten opzichte van de subjectieve beleving.(…) Bij het thema duurzaamheid speelt dit helemaal, door de voortdurende suggestie in de media dat we aan de rand van de afgrond staan.”

Of anders de dedramatiserende Belgische bioloog Dirk Draulans in De Knack van de vorige week:
“Optimisten versus pessimisten, probleemontkenners versus radiofoben – het is een schisma dat dikwijls speelt in de analyse van gezondheidseffecten. Optimistische mensen zijn per definitie minder kwetsbaar voor allerhande aandoeningen dan pessimistische. Chronische stress dreigt op termijn een grotere doder te zijn dan radioactieve straling. Een stelling die momenteel voor wat betreft de ramp in Japan grotendeels over het hoofd wordt gezien. Er is eindeloos veel meer aandacht voor de strijdende ingenieurs in Fukushima dan voor de activiteiten van het Japanse Rode Kruis.”

Maar het kan natuurlijk ook zo zijn dat mensen optimistisch zijn omdát ze minder aandoeningen hebben. En dat die door Fresco gelaakte media juist weerstand bieden tegen het idee dat de dedramatiserende wetenschap het wel oplost en wij ondertussen stug door kunnen blijven gaan met overconsumeren en doorronken in onze PC Hooft-trekkers. Wiskunde is het niet, toch blijf ik herhalen dat we, als we ons niet bezinnen op de juiste morele maat, een dramatische toekomst tegemoet gaan. Dan maar wat stress.

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!

Vox Update

Een directe, dagelijkse of wekelijkse update met onze artikelen in je mailbox!

Wekelijks
Nederlands
Verzonden!