Doorgeefspel

15 feb 2019

Willem Halffman Willem Halffman is universitair hoofddocent en wetenschapssocioloog bij de bètafaculteit. Bekijk alle berichten van Willem Halffman

Britten noemen het Chinese whispers: je fluistert de eerste persoon in een kring wat in het oor en die fluistert het verder, tot er aan het eind iets heel anders uitkomt. Het is een kinderspel, maar wordt ook wel gebruikt om te illustreren hoe informatie verandert door ruis en wisselende interpretatie.

‘Jantje is ziek’ kan worden: ‘Jantje voelt zich niet lekker’, ‘Jantje is niet lekker’, ‘Jantje smaakt vies’ en ‘Viezerik!’

Wat zou er gebeuren als je een object doorgeeft, in plaats van een boodschap? Een mobieltje, bijvoorbeeld. Aan het eind van het doorgeefspel hebben we nog steeds hetzelfde mobieltje, zou je denken. Zolang niemand het laat vallen, tenminste, en als iedereen netjes meespeelt. De forensische wetenschapper denkt daar heel anders over. Aan het eind staat het mobieltje namelijk vol vingerafdrukken en is er misschien zelfs analyseerbaar DNA achtergebleven. Vanuit forensisch gezichtspunt, is het mobieltje niet meer hetzelfde. Ook in het fysieke doorgeefspel zit mogelijk ruis (valsspelers, brokkenmakers) en zelfs interpretatie (of het mobieltje nog hetzelfde is, hangt af van je gezichtspunt).

Forensische wetenschappers zijn zich extreem bewust van de complicaties van het doorgeefspel. Daarom dragen ze handschoentjes en witte pakken en gaat al het bewijsmateriaal zorgvuldig in steriele zakjes met onuitwisbaar labels en dan (hoppa!) achter slot en grendel. Strakke protocollen moeten garanderen dat wat op de ‘plaats delict’ werd verzameld ook identiek is aan wat in de rechtszaal ter tafel komt.

Wetenschappers geven voortdurend dingen aan elkaar door: data, samples, cellenkweken, weefsels, opnames, resultaten. We veronderstellen dat we dat ook met forensische precisie doen, maar dat valt eigenlijk vies tegen. Zelfs ogenschijnlijk uiterst stabiele informatie kan verassende complicaties opleveren.

Bijvoorbeeld: een simpele statistiek over hoeveel mensen in Nederland wonen, vereist een precieze documentatie van wat je telt als Nederland (zonder de ABC-eilanden?), wat ‘wonen’ betekent (Geregistreerd staan? Een dak boven je hoofd?), of van hoe de cijfers zijn verzameld. Vooral als je niet weet wat de gebruiker uiteindelijk met de data gaat doen, is het bijna onbegonnen werk om alle relevante contextinformatie ook te registeren. Als ik bedenk wat dat allemaal betekent voor de materiële dingen die onder wetenschappers circuleren, dan is het gefluister in mijn hoofd over de complicaties bijna oorverdovend.

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!

Vox Update

Een dagelijkse of wekelijkse nieuwsbrief met onze artikelen in je mailbox!

Wekelijks
Nederlands