Duitsland

20-06-2018

Belg aan de Waal is zijn alter ego. Ken Lambeets streek kort geleden vanuit Brussel neer in Nijmegen en is nieuw op de redactie van Vox. De komende weken schrijft hij over zijn ervaringen. Deel 6: Duitsland.

Ken Lambeets Ken Lambeets verwisselde onlangs Brussel voor Nijmegen. In de Belgische hoofdstad schreef hij onder meer voor de stadskrant Bruzz. Ken houdt van fietsen, Frankrijk en wijn, en inmiddels ook een beetje van Nijmegen. Bekijk alle berichten van Ken Lambeets

Zijn er dingen die ik mis aan mijn oude woonplaats? Natuurlijk wel. De vrienden, de gastronomische cultuur en de nabijheid van Frankrijk, om maar iets te noemen. De vanzelfsprekendheid van de tweemaandelijkse trip naar Parijs. Een uur en twintig minuten op de trein en enkele metrohaltes later zat je een croque-monsieur te eten in Le Select, net zoals Claus, Campert en Hemingway vroeger deden. Van daaruit waren Lyon, Avignon en Bordeaux ook al niet ver meer. Om op zondagavond in Le Terminus nog gauw een glas rode wijn naar binnen te gieten alvorens in het Gare du Nord terug op de trein naar Brussel te stappen.

Sinds ik in Nijmegen woon, ligt Frankrijk een eind verder weg. Maar elk nadeel heb z’n voordeel: als ik vanuit het centrum de Berg en Dalseweg tot aan Tivoli beklim, hoef ik maar even uit te bollen om bij Kranenburg de Duitse grens over te steken. En toch voel ik me terstond op vakantie, al is het maar wegens de gele plaatsnaambordjes, het obligate ‘Welkom in Duitsland’-sms’je van mijn internetprovider of de uitgestrekte taartenlandschappen in de vitrine van de lokale Bäckerei. Na een mooi stuk langs de Nederlands-Duitse grens stuur ik mijn stalen ros de Kartenspielerweg in, pal door het Reichswald, waar de vogels een Hoogduits lied zingen.

Ook in Nijmegen zijn onze oosterburen nooit ver weg. In de wandelgangen van de universiteit hoor ik studenten en onderzoekers regelmatig in het Duits converseren. Hun landgenoten die in de stad gedwee achter een gids met vlagje lopen, zijn heel wat ouder. Even later worden ze opnieuw op hun imposante jacht verwacht waarmee ze de Rijn afvaren. Als ik op de Waalkade langs de schepen wandel, zie ik mezelf al een appetijtelijke Frankfurter verorberen in het cruiserestaurant terwijl de pianist een vrolijk wijsje speelt. Helaas wil mijn vriendin me pas ten vroegste binnen vijftig jaar vergezellen op een vierdaagse op de Rhein Prinzessin.

Wordt Duitsland dan mijn nieuwe Frankrijk? Het zou zomaar kunnen. Sinds de verhuizing naar Nijmegen werd ik al twee keer abusievelijk voor een Duitser aanzien, maar dat voelt nog altijd beter dan in Amsterdam in het Engels te worden bediend. Aangezien mijn Duits erbarmelijk is, overweeg ik om me opnieuw een basisgrammatica aan te schaffen. Die kan van pas komen bij uitstapjes naar Emmerich, de Romeinse nederzetting in Xanten of Kleve, eertijds naar verluidt een van de belangrijkste Noord-Europese kuuroorden.

Zelfs op culinair vlak zoek ik toenadering tot de oosterburen. De gastronomisch georiënteerde Belg in mij heeft Duitsland altijd al de bierwoestijn gevonden. Wij brouwen ons bier dan ook niet via een eeuwenoud Reinheitsgebot waardoor driekwart van het gerstenat onderling inwisselbaar is. Maar sinds ik een jolige Brabander onlangs een Duits biertje hoorde bestellen met de uitvlucht ‘bij ons hebben we dat niet in de kroeg’ raad ik Belgisch bezoek altijd een Weizen aan, als voorbeeld van alle goeds wat Nijmegen te bieden heeft.

En zo bouw ik gestaag verder aan mijn band met het nieuwe buurland. Wie weet komt het ooit nog eens tot een huwelijk. Op één voorwaarde: dat die verraderlijke Mannschaft de Belgen maar niet uit het wereldkampioenschap knikkert, want dan zijn we terug bij af.

1 reactie

  1. Eefje schreef op 20 juni 2018 om 12:26

    Na het lezen van je column heb ik zin om direct al mijn werk te laten vallen en op mijn fiets te springen naar de Kartenspielerweg. Dat stukje vanaf Tivoli, zalig.

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!