Aantal beschuldigingen van seksueel geweld door student Radboud Universiteit stijgt naar elf
-
Afbeelding ter illustratie. Foto: Ekaterina Bolovtsova via Pexels
Het aantal beschuldigingen tegen een 23-jarige student aan de Radboud Universiteit van seksueel geweld is gestegen naar elf. En er blijven meldingen binnenkomen, zo bleek op een voorbereidende strafzitting woensdag bij de rechtbank in Arnhem.
In totaal zijn er nu negen aangiftes en twee meldingen gedaan. Van die negen aangiftes zijn er inmiddels vier geseponeerd omdat er te weinig ondersteunend bewijs is.
De student, die sinds juli vorig jaar vastzit, moet zich komende april verantwoorden voor (in ieder geval) vijf verkrachtingen. Maar het is niet gegarandeerd dat het hierbij blijft, zei de officier van justitie na de zitting.
De derdejaars student Bedrijfskunde woonde in een studentenhuis in Nijmegen waar hij de vrouwen zou hebben verkracht. Inmiddels is zijn kamer opgezegd. Hij kan bij zijn vader wonen in Apeldoorn als hij wordt vrijgelaten, aldus zijn raadsvrouw. Maar de officier van justitie verzette zich tegen haar verzoek hem vrij te laten in afwachting van de berechting. In Apeldoorn zijn ook studentes te vinden, merkte de officier op. De rechtbank wees vrijlating af.
Aangevallen in gevangenis
De student heeft het zwaar in detentie. Hij is aangevallen door andere gedetineerden en inmiddels overgeplaatst naar een andere gevangenis. ‘Ik ben helemaal op’, reageerde hij op een vraag van de voorzitter hoe hij erbij zit. Op een vorige zitting ontkende hij dat hij vrouwen heeft gedwongen tot seks.
Er lijkt in de aangiftes sprake te zijn van een modus operandi: hij pikt vrouwen op in de kroeg, neemt ze mee naar zijn kamer, wordt gewelddadig en negeert hun verzet. De vrouwen zeggen dat hij ze de keel dichtdrukte.
De verdachte heeft inmiddels gesproken met een psycholoog, maar het is nog niet duidelijk of er stoornissen zijn vastgesteld.
Anoniem telefoontje
De advocaat van de student vroeg nog om onderzoek naar een anoniem telefoontje dat de moeder van haar cliënt kreeg op de dag dat hij werd aangehouden door de politie. In het gesprek werd gezegd dat ‘één van de meisjes niet meer op vakantie durfde’.
De raadsvrouw vindt dat het erop lijkt dat er contact is geweest tussen de vrouwen voor ze naar de politie stapten. Terwijl ze zouden hebben verklaard elkaar niet te kennen. Dat zegt iets over de betrouwbaarheid van hun verklaringen, meent ze. Ze wees er ook op dat bij één aangifte een jaar zit tussen het moment van de vermeende verkrachting en de aangifte. Maar de rechtbank wees het verzoek af.
De zaak wordt woensdag 1 april inhoudelijk behandeld.
Dit artikel van Monique Bloeme stond eerder in De Gelderlander.