Karpe Noktem logeert bij De Gong: ‘Geen makkelijk dispuut’

18-04-2017, 15:33

Bas van Wijk, lid van Karpe Noktem, tijdens een debat bij De Gong. Foto's: Nick van Dijk

Dispuut De Gong drijft op tradities en ‘hoge cultuur’. Hoe anders is de insteek van Karpe Noktem, een alternatieve vereniging die verplichtingen haat. Op verzoek van Vox logeert metalliefhebber Bas van Wijk een nachtje in het dispuutshuis van De Gong. ‘Het zal er wel behoorlijk corporaal aan toegaan.’

‘Moet ik iets speciaals aan? Ik heb in Nijmegen geen colbertje of iets wat daarvoor kan doorgaan.’ Bas van Wijk, student biomedische wetenschappen en actief lid van de alternatieve studentenvereniging Karpe Noktem, is er niet gerust op. Hij laat zich op verzoek van Vox een dagje ‘opsluiten’ in het dispuutshuis van De Gong. ‘Moet ik me nog voorbereiden, ofzo?’

‘Een eigen symbool aan de muur, toe maar’

Bij Karpe Noktem houden ze niet van jasjedasje en van verplichte dispuutsavonden. Ze hebben ook geen eigen huizen. Toch is dat wat Van Wijk vanavond te wachten staat. De Gong, het zelfverklaarde literair-culturele dispuut van Carolus Magnus, is op het eerste gezicht alles wat Karpe Noktem niet is. De onderzoeksvraag van de logeerpartij: verschillen beide verenigingen zo veel als men altijd veronderstelt? Of is iedere vereniging in de basis eigenlijk hetzelfde?

‘Aan de ene kant heb ik geen flauw idee wat ik moet verwachten, aan de andere kant heb ik natuurlijk wel vooroordelen over een dispuut van Carolus Magnus’, zegt Van Wijk. ‘Samengevat: het zal er wel behoorlijk corporaal aan toegaan.’ Bij aankomst kijkt hij met een schuin oog naar het stenen logo aan de buitengevel, en ziet hij zijn vermoeden alvast bevestigd. ‘Ze hebben niet alleen een eigen huis, maar ook hun symbool aan de muur. Toe maar.’

NTM-DeGong-VOX-7920
Yannic Wevers in de huisbibliotheek van De Gong

Muizen
Binnen lijkt het Melkhuis, zoals het onderkomen aan de Groesbeekseweg heet, op een gewoon studentenhuis. De keukenvloer is zo smerig dat er ooit een professionele schrobmachine is gehuurd om hem schoon te krijgen. Toen dat niet werkte – het vuil was te hardnekkig – legde iedereen zich erbij neer. De vloer is opgegeven. Na het koken worden de kruimels dus maar gewoon op de grond geveegd. Ondanks de wat losse hygiënische moraal is van ongedierte geen sprake, zo verzekeren de bewoners. ‘Hoezo zouden hier muizen zitten?’

Het Melkhuis kent meer studentikoze tradities. In de kelder worden de peuken ‘gewoon’ op het tapijt uitgetrapt. En wie moet pissen, doet dat op het ‘openbaar toilet’ buiten – tegen een muurtje. Binnen wemelt het van de oude affiches en posters, niet zelden uit de Tweede Wereldoorlog. Bij het dispuutshuis worden iedere ochtend twee (!) kranten bezorgd. Tekenend voor het karakter van dispuut De Gong is de eigen bibliotheek op de eerste etage – al wordt-ie niet bijzonder veel gebruikt.

De postbode brengt iedere paar weken een doos met sprinkhanen

‘Het is een overblijfsel uit het verleden’, zegt Yannic Wevers, scheikundestudent en lid van De Gong. ‘Hier huisde vroeger de Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen. De bieb is een restant. De meeste boeken hebben we overigens nooit gelezen. Op die bovenste plank staat bijvoorbeeld een Franse encyclopedie van ik weet niet hoeveel delen.’ Als hij op verzoek een boek uit de reeks op het schap pakt, blijkt het toch géén encyclopedie te zijn. ‘Geen idee wat het dan wel is, haha. Het is wel in het Frans – dat klopt gelukkig wel.’

Beneden springt het terrarium met roestkleurige baardagaam in het oog. De forse hagedis luistert – voor zover reptielen dat doen – naar de naam Walter. Iedere paar weken bezorgt de postbode een doos met levende sprinkhanen die als voer dienen.

NTM-DeGong-VOX-7908VKindhuwelijken
Het kloppend hart van het huis is de kelder. Hier staat om zeven uur het eten klaar en begint om acht uur de wekelijkse dispuutsavond. De (vrijblijvende) evenementen van Karpe Noktem zijn doorgaans heel divers (van gamen tot karaoke), maar een debat zoals vanavond in het Melkhuis gepland staat, heeft Bas van Wijk nog niet meegemaakt. ‘Maar het lijkt me leuk.’ Het dunne laagje ijs was bij aanvang van het diner al gebroken, toen hij binnen tien minuten een medeliefhebber van metalmuziek vond.

De Gong gaat er prat op dat er aandacht wordt besteed aan hoge cultuur. De dispuutsleden bezoeken samen musea en klassieke concerten, gaan naar het theater en geven goed voorbereide lezingen aan elkaar. De leden van De Gong worden geselecteerd op hun culturele interesse.

Dat klinkt pretentieuzer dan het is, verzekeren de heren. ‘Zelfspot, ironie en relativeringsvermogen zijn nooit ver weg.’ Dat blijkt inderdaad al snel. De humor is hard, zwart en niet voor mietjes. Ook Vox komt aan de beurt: ‘Het toppunt van zelfcensuur is uit beleefdheid zeggen dat je de laatste Vox hebt gelezen en hem best leuk vond.’ Om daarna meteen bezoeker Van Wijk even verbaal tegen de schenen te trappen. ‘Clubs als Karpe Noktem zonder verplichtingen zijn de nagel aan de doodskist van de samenleving en wederzijds plichtsbesef.’

NTM-DeGong-VOX-8111Het dispuut heeft voor het debat 42 stellingen voorbereid, waarvan er zo’n tien bediscussieerd worden – steeds een-op-een. Voorbeelden van stellingen op de lijst: ‘Hurkend kakken is beter’, ‘Autodrop zou verboden moeten worden’ en ’Vijftien jaar, trouwen maar! B’vo voor kindhuwelijken in rurale gemeenschappen’.

De stellingen mogen dan niet al te serieus zijn, de inzet van de debaters is dat wel. Achter twee met kaarsen verlichte katheders gaan de voor- en tegenstander er met gestrekt been in. Als buitenstaander Van Wijk van de eerste schrik bekomen is, neemt hij zelf plaats achter het spreekgestoelte en houdt hij zich uitstekend staande – ook bij het uitdelen van steken onder de gordel. ‘In het begin was ik even onder de indruk, dit ben ik niet gewend’, zegt hij naderhand. ‘Maar zodra je er staat, ga je vanzelf in het geweld mee. En ik moet zeggen dat het dan verrassend leuk is.’

Te serieus
Van wat Van Wijk vooraf vreesde – een erg strenge, corporale sfeer – is geen moment sprake. De stropdassen en de aanspreekvorm (‘de heer Van Wijk krijgt het woord’) wennen snel. ‘Over het algemeen denk ik dat disputen hun regels en gebruiken nog wel eens te serieus willen nemen’, zegt Gonger Rob van Neck. ‘Bij ons is absoluut niet zo. Als wij disputeren, is er niets waar je niet om kunt lachen. Dat is het uitgangspunt.’

NTM-DeGong-7987
Gonglid Yannic Wevers met Walter de huisbaardagaam

Gedurende de avond worden er toespelingen gemaakt op het naderende einde van De Gong. Neem het met een korreltje zout, zeggen de leden, maar helemaal uit de lucht gegrepen zijn de opmerkingen niet. Het dispuut heeft momenteel slechts tien leden. De Gong is – zo erkennen ze zelf – het buitenbeentje van Carolus Magnus. De eerstejaars die lid worden van Carolus, doen dat niet om zich vervolgens bij De Gong aan te sluiten. Daarvoor is het dispuut te klein, zijn de borrels te rustig en is de muzieksmaak te klassiek.

‘We zijn geen makkelijk dispuut’, beaamt Van Neck. ‘Het duurt vaak even voordat je je plek gevonden hebt. Ben je een schrijver? Ben je een spreker? Waar liggen je culturele interesses? Dat moet je eerst op een rijtje krijgen. Bij andere disputen speelt dat veel minder. Daar word je op dat vlak veel minder uitgedaagd en dat lijken veel aspirant-leden wel prima te vinden.’

De banden met ‘het hoofdkantoor’ van Carolus Magnus zijn minder hecht dan bij veel andere disputen. Er zijn leden die er slechts zeer sporadisch komen. Een enkeling liet in het verleden wel eens separatistische geluiden horen, en opperde de mogelijkheid van een onafhankelijk dispuut. Heel serieus werd dat nooit. ‘Het gevoel van historie en traditie is veel sterker. En uiteindelijk heeft het ook veel voordelen om bij een grote vereniging te horen. Daarbij maken wij van Carolus een veel diversere club.’

NTM-DeGong-VOX-8396V

PVV
De volgende dag – De Gong ging rond twee uur slapen – hoort logé Van Wijk bij wat de dispuutsleden de PVV noemen: de Productieve Vroege Vogels, een clubje dat ’s ochtends samen ontbijt. Dat half Nederland er alweer een uur werk op heeft zitten, terwijl er in het huis nog geen kop koffie is gezet, doet niet ter zake. Van Wijk kijkt tevreden terug op zijn uitstapje. ‘Ik voelde me vanaf moment één welkom. Het zijn leuke mensen en ik heb me goed vermaakt. In die zin verschilt een avond bij De Gong niet veel van een avond bij Karpe Noktem.’

Had hij zich met deze kennis als eerstejaarsstudent in Nijmegen wellicht niet bij Karpe Noktem, maar bij De Gong ingeschreven? ‘Dat is een stap te ver, denk ik. Ze hebben me hier uitgelegd wat de functie is van zo’n ontgroening bij Carolus, en daarop volgend het pittige aspirantaat van een half jaar bij De Gong. Het zal vast nuttig zijn, maar voor mij is dat toch wat te veel van het goede.’

Na de koffie fietst hij straks terug naar zijn eigen huis aan de Heyendaalseweg. Daar waar de keukenvloer wel schoon is en de bewoners plassen op een wc.

2 reacties

  1. Het licht van Van Wijk schijnt als nooit tevoren. | Corpsdispuut ter Sociëteit de Gong schreef op 18 april 2017 om 17:51

  2. F.G.V. de Wijze schreef op 19 april 2017 om 00:47

    “Hier huisde vroeger de Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen.”

    De heer Wevers zal waarschijnlijk de voorheen zelfstandige Faculteit der Filosofie bedoelen. Wee de gefuseerde.

Geef een reactie