Door de onherbergzame jungle, de apen achterna

16-04-2018

In de serie Baanbrekers gaat Vox op zoek naar gepassioneerde onderzoekers. In deze aflevering primatologe Irene Godoy over haar loodzware veldwerk bij kapucijnapen in de jungle van Costa Rica. ‘Ook kapucijnapen hebben een soort cultuur.’

Stel je voor: je woont in de jungle van Costa Rica. Om drie, vier uur ’s ochtends gaat de wekker. Vervolgens ren je urenlang door de jungle, achter een groep klimmende en klauterende kapucijnapen aan. Waar ze ook heen gaan. Als ze een rivier oversteken, moet je op een of andere manier ook aan de overkant zien te komen. Als ze valleien doorkruisen, moet je ze al klimmend achterna. Ondertussen teken je al hun handelingen op. Pas als ze na twaalf of dertien uur gaan slapen, kun je terug naar het kamp. Daar ga je wat douchen, eten, en daarna uitgeput naar bed, om de volgende morgen weer vroeg op te staan. Irene Godoy lacht. ‘Na mijn eerste maand veldwerk dacht ik wel even: oh mijn god, hoe ga ik dit volhouden?’

Irene Godoy in de Costa Ricaanse jungle (2013)

Het is alweer drie jaar geleden dat Godoy (34), Amerikaanse van geboorte, voor het laatst in Costa Rica was. Maar op afstand is ze nog steeds bij alles betrokken. Alle observatiegegevens van de onderzochte groep kapucijnapen komen op haar laptop binnen en worden door haar gecheckt. Ondertussen verhuisde ze naar Nijmegen om in te trekken bij haar man (ontwikkelingspsycholoog Willem Frankenhuis, red.), en verwierf ze een betrekking aan het Onderwijsinstituut Psychologie en Kunstmatige Intelligentie van de Radboud Universiteit. Afgelopen jaar beviel ze van haar eerste zoontje. Nu hij oud genoeg is voor de dagopvang, staat Godoy weer te trappelen om haar onderzoek voort te zetten.

‘Ik had nog nooit gehiket. Ik was gewend aan straten en kaarten, niet aan navigeren door de jungle’

Aan een tafeltje in de Refter vertelt Godoy over haar eerste ervaringen in Costa Rica. Als psychologiestudent aan de Universiteit van Pennsylvania volgde ze een keuzevak over dier en gedrag. Dit vak vond ze zó interessant dat ze haar docenten vroeg hoe ze zelf gedragsbioloog kon worden. Die vertelden haar dat ze ervaring op moest doen met het observeren van dieren. En dan het liefst in Lomas Barbudal. Als ze daar, onder de loodzware omstandigheden, zou slagen, dan zou ze wellicht geschikt zijn voor een carrière als gedragsbioloog. En dat heeft ze geweten.

Godoy: ‘Mentaal was ik er helemaal niet op voorbereid. Voor ik naar Costa Rica ging had ik nooit gehiket. Ik was gewend aan straten en kaarten, niet aan navigeren door de jungle. Kapucijnapen zijn zo groot als een huiskat en zitten voornamelijk in bomen, ze zijn nauwelijks te zien. Ondertussen word je continu gestoken door wespen, opgejaagd door bijen, en struikel je continu over wortels en takken. Het was allemaal nogal ontmoedigend.’ Godoy liet zich echter niet uit het veld slaan. Ze maakte zich het harde leven in de jungle eigen en leerde de groep kapucijnapen steeds beter kennen. Inmiddels heeft ze al vijf seizoenen in Lomas Barbudal meegedraaid en meer dan tien publicaties over de apen op haar naam staan. ‘Na verloop van tijd ga je er echt de lol van inzien’, aldus Godoy. ‘Die kapucijnapen zijn zó fascinerend. Er is nog een eindeloos aantal onderzoeksvragen die we willen beantwoorden.’

Overeenkomsten

Wat Godoy doet is zogeheten vergelijkende evolutiepsychologie. De vragen die ze behandelt hebben in principe betrekking op de mens, maar om ze te beantwoorden observeert ze juist een andere, vergelijkbare diersoort. Godoy: ‘De overeenkomsten zijn echt groot. Net als mensen leven kapucijnapen in groepen en gaan ze relaties aan met groepsgenoten, waarbij ze met sommigen echt een band opbouwen. Kapucijnapen hebben zelfs een soort cultuur, al noemen we het dan ‘sociale tradities’. Ook kapucijnapen vertonen niet-aangeboren sociaal gedrag dat per groep verschilt en van generatie op generatie wordt doorgegeven.’

Is het niet simpeler om gewoon mensen te onderzoeken?

‘Dat ligt maar net aan het onderwerp. Een van mijn eerdere onderzoeken ging om het al dan niet vermijden van inteelt. Seksueel gedrag is nogal moeilijk te observeren bij mensen. Daarnaast helpt het om mechanismen te ontrafelen. Als we bepaald gedrag bij zowel apen als mensen zien, versterkt dat de bewering dat dit gedrag het gevolg is van een oeroud mechanisme.’

Aan welk onderzoek werk je nu?

‘In het verleden heb ik vooral naar factoren gekeken die te maken hadden met vriendschappen en partnerkeuze. Nu wil ik naar een algemener onderwerp gaan kijken: socialiteit. Bij mensen is bekend dat sociale isolatie gepaard gaat met een slechtere gezondheid. Ik wil nu bij de apen onderzoeken welke factoren die sociale isolatie kunnen veroorzaken.’

Heb je een voorbeeld?

‘We kijken bijvoorbeeld naar de invloed van de moeder. Heeft het invloed op een kind wanneer de moeder een grotere sociale kring heeft? En heeft deze invloed te maken met een genetisch overgedragen aanleg, of krijgt een jong het tijdens de opvoeding van de moeder mee?’

In hoeverre kunnen we de resultaten van je onderzoek naar andere soorten generaliseren?

‘Er is veel literatuur over de impact van sociale isolatie op gezondheid. Het unieke van dit onderzoek is dat we naar de ontwikkeling kijken in een individu. Zien we in de levensloop van geïsoleerde apen factoren die wellicht verklaren waarom ze geïsoleerd zijn geraakt? Het antwoord op die vraag kan ons helpen bij het bedenken van interventies voor geïsoleerde mensen.’

‘Voor mijn onderzoek ga ik niet alleen observaties uitvoeren. Ik ga ook hormoonmonsters afnemen bij de apen uit hun feces. De hoeveelheid stresshormonen geeft informatie over hoeveel stress de apen ervaren, en in hoeverre ze voor steun bij soortgenoten terecht kunnen.’

Bouw je bij al dat observeren in de jungle een persoonlijke band met de apen op?

‘Als je met de apen werkt zie je zo veel overeenkomsten in gedrag, dat je inderdaad wel gehecht aan ze raakt. Dat gaat verder dan alleen affectie. We proberen de apen ook te beschermen. Helaas zien we soms apen in onze populatie verdwijnen, en dat komt niet alleen door natuurlijke vijanden. Vroeger werd er veel op kapucijnapen gejaagd. Nu gebeurt dat niet meer, maar het is nog steeds een bekend tijdverdrijf onder kinderen om apen met stenen te bekogelen. Ook worden soms jonge moeders gedood, zodat hun jongen als huisdier kunnen worden verkocht. We proberen in de omgeving uitleg te geven over het leven van de apen, om zo hopelijk het respect van de lokale bevolking voor deze unieke soort te vergroten.’

Voor haar onderzoek naar sociale isolatie en gezondheid hoopt Godoy een Veni-beurs in de wacht te slepen, waarmee ze weer naar Costa Rica kan afreizen om data te verzamelen. Neemt ze dan misschien ook enthousiaste studenten uit Nijmegen mee? Godoy, lachend: ‘Ik heb nog niet actief gezocht. Maar dat gaat wel veranderen. Een van mijn taken als onderzoeker wordt het rekruteren van studenten die met mij in het bos kapucijnapen willen onderzoeken.’

Zullen we je verhalen over hoe zwaar het was dan maar uit dit interview laten?

‘Nee, laten we het andersom aanpakken. We vertellen direct hoe zwaar het wordt. Dan kan het alleen maar meevallen.’

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Raboud Universiteit

lees de laatste Vox online!