Zomerinterview (4): moslim-onderzoeker Maria Vliek

24-07-2017, 09:50

Foto's: Erik van 't Hullenaar

De aanslagen in Londen, Manchester en eerder in Parijs en Brussel zijn het werk van islamitische terroristen. Altijd weer die moslims, hoor je sommigen verzuchten. Hoe kijkt promovenda bij islamstudies Maria Vliek (29) daar tegenaan? Ze werkte drie jaar in Mombasa waar aanslagen aan de orde van de dag waren.

De haven van Mombasa, 2012. Maria Vliek zit gebogen over een van haar dossiers als haar baas binnenstormt. Woest is-ie. Over weer een aanslag in een kerk, op een markt, bij een school of in een discotheek van zijn stad. De aan Al Qaida gelieerde Somalische extremistengroep Al-Shabaab is die jaren overactief in Mombasa. Net in de tijd dat de van oorsprong Twentse Maria Vliek in de havenstad werkt bij een groot overslagbedrijf. Ze is er verantwoordelijk voor de corporate social responsibility, de goede doelen die het bedrijf steunt: in aanbouw zijnde ziekenhuisvleugels, scholen, dat soort dingen. Terug in Nederland zal ze de aanslagen in die periode in kaart brengen voor haar masterscriptie. Een deprimerende lijst: vijftien pagina’s in vijf jaar tijd.
Geen wonder dat haar ouders niet enthousiast hadden gereageerd toen ze na haar bachelor Engels naar Kenia vertrok, omdat ze even klaar was met studeren en met Nederland. Wat ook niet hielp, was dat haar ouders de Engelse vriend die ze ging helpen bij zijn vrijwilligersorganisatie in dat land, nog nooit hadden ontmoet.

‘In de club werden handgranaten naar binnen gegooid’

Spannend was het in Kenia zeker, zegt Vliek terugkijkend op die periode. ‘In de club waar we altijd heen gingen, werden op een zaterdagavond handgranaten naar binnen gegooid. Dat is wel beangstigend ja.’

Drie jaar werkte ze uiteindelijk bij het overslagbedrijf in Mombasa. De eigenaars, een moslimfamilie, hadden haar met open armen ontvangen. Altijd vriendelijk, behulpzaam, gastvrij. Zo boos als die ochtend had Vliek haar baas dan ook nog niet gezien. ‘Maria’, brieste hij. ‘De Koran zegt dat je niet eens je eigen leven mag nemen, laat staan dat van een ander!’

Al-Shabaab

We varen door de haven van Rotterdam, Vlieks huidige woonplaats, waar ze met haar Engelsman – binnenkort gaan ze trouwen – is neergestreken. Net als Mombasa is Rotterdam multicultureel en internationaal georiënteerd. Met het verschil dat in Mombasa veel méér moslims wonen. De helft van de inwoners is moslim, de andere helft christen. Al-Shabaab probeerde met zijn aanslagen een wig te drijven tussen de christenen en de moslims in de stad. Tevergeefs, constateerde Vliek ter plekke. ‘De mensen die ik sprak zeiden altijd: ‘Maar dat is Al-Shabaab, dat zijn geen moslims. De aanslagen zijn politiek gemotiveerd, ze hebben niets met religie te maken. Dat zeiden moslims maar dat zagen de christenen net zo goed. Die zeiden ook: ‘Dit is niet de islam. We wonen al duizenden jaren met elkaar samen.’ Hoe zeer Al-Shabaab het ook bleef proberen, die tweestrijd is er nooit gekomen. Ik vond dat echt bijzonder.’

Foto: Erik van ’t Hullenaar

Vliek merkt dat de aanslagen van moslimextremisten in Manchester, Londen en andere grote steden funest zijn voor de reputatie van moslims in Europa. Moslims worden vaak met de nek aangekeken. Daar wordt niemand beter van, zegt ze. Integendeel: de frustratie die een rol lijkt te spelen bij de radicalisering van jongeren wordt zo alleen maar groter. ‘Mensen zijn zoveel meer dan hun geloof. Maar bovenal is het wij/zij denken kwalijk. Het maakt het lastig om het gesprek te blijven voeren over een onderwerp als islam in Nederland. Mensen vragen mij regelmatig hoe het komt dat jongeren radicaliseren. Daar zijn theorieën over geschreven die te maken hebben met marginalisering, racisme, mannelijkheid, ideologie, religie, cultuur. Er spelen zoveel factoren mee. Maar niet iedereen wil die complexiteit erkennen, er wordt te snel gelabeld.’

‘De globaliseringsangst die je in Nederland voelt, heeft Mombasa al lang achter zich gelaten’

De 29-jarige promovendus kijkt toe hoe de rondvaartboot golven veroorzaakt in de Maas. Een stad als Mombasa is waarschijnlijk beter opgewassen tegen religieus conflict, zegt Vliek, dan de meeste Nederlandse steden. Mombasa heeft een lange handels- en migrantengeschiedenis. Al vanaf de zesde eeuw dreef het eiland handel met China en India en werd het veroverd door achtereenvolgens Afrikanen, Perzen, Omani’s, Arabieren, Jordaniërs, Portugezen en Britten. De lokale religies bestaan al eeuwenlang naast elkaar en hebben al heel wat religieuze conflicten uitgevochten. ‘Ik denk dat hier haar kracht zit. De stad heeft een weerbaarheid tegen religieus conflict opgebouwd waar wij iets van kunnen leren. Moslims zijn bij ons pas vrij recent een grote minderheid. De globaliseringsangst die je nu in Nederland voelt, heeft Mombasa al lang achter zich gelaten.’

God bless

Terug in Groningen studeerde Vliek Religion, Conflict and Globalization. Haar masterscriptie schreef ze over de manier waarop jonge moslims in Kenia hun identiteit vormgeven. En welke rol met name religie daarin speelt.
Aan bakboord ligt de SS Rotterdam, ‘het grootste passagiersschip ooit in Nederland gemaakt’, zegt een omroepstem. Vliek hoort het niet. Ze denkt na over de op tafel liggende vraag: hoe komt het dat een nuchtere Twentse meid zo gefascineerd is door een onderwerp als de manier waarop moslims hun religie beleven? Haar proefschrift gaat er ook weer over. Ze interviewt mensen die de islam achter zich hebben gelaten, die een ingewikkeld proces doormaken van twijfel en soms harde confrontatie met familieleden en de moslimgemeenschap.
‘Ik vond religie altijd al interessant, ben zelf van huis uit protestant, maar de echte interesse is in Mombasa gekomen. Daar heb ik gezien wat religie voor mensen kan betekenen. Nederland is een heel seculiere samenleving: religie beoefenen we achter gesloten deuren. Dat is daar heel anders.’ In Kenia is religie zichtbaarder, in kleding en in gedrag. Mensen halen God in het dagelijks spraakgebruik voortdurend aan. Als Vliek ’s middags naar huis vertrok zeiden haar collega’s bijvoorbeeld altijd ‘God bless’. ‘Religie is daar niet iets wat je alleen op zondag doet. Het vormt hoe mensen in hun leven staan, hoe mensen omgaan met elkaar. Veel moslims die ik heb ontmoet, gebruiken hun geloof als een soort richtlijn in het leven.’

Religie

Ze geeft het voorbeeld van haar oude baas die zo’n groot deel van zijn geld besteedt aan scholen, ziekenhuizen en armoedebestrijding. ‘Hij is ontzettend betrokken bij de gemeenschap. En dat heeft volgens mij zeker te maken met zijn beleving van religie. Ik denk niet dat hij het ziet als zijn verplichting om voor anderen te zorgen, maar meer als iets wat je als moslim vanzelfsprekend doet. Die betrokkenheid bij de gemeenschap heeft natuurlijk niet iedereen, maar ik zag het in Mombasa wel veel terug.’

Foto: Erik van ’t Hullenaar.

Was het vreemd om weer terug te komen naar Nederland? Vliek knikt. ‘Ik weet nog dat toen ik in 2014 terugkwam voor mijn master, ik verbaasd was over de geringe beveiliging hier. Mensenmassa’s zoals wij die in Nederland kennen bij bijvoorbeeld festivals, waren in Kenia om veiligheidsredenen absoluut onmogelijk. Elke supermarkt had z’n metaaldetector. In Nederland genieten we een vrijheid op dit gebied die volgens mij ongeëvenaard is. Bij een festival controleren ze vooral of je geen drank naar binnen probeert te smokkelen. Hoe geweldig is dat!’

Ze wil de aanslagen niet bagatelliseren. Elk gewelddadig verlies van leven is verschrikkelijk. ‘Maar ik denk dat Mombasa me wel wat pragmatisme heeft gegeven, en bovenal een gevoel van: laat je niet bang maken. Het heeft geen enkele zin om in angst te leven. Doe je dat wel, dan speel je het spelletje van de extremisten mee. ‘Dat kan mij ook overkomen’ is daarom een gedachte die ik zo veel mogelijk van me af dirigeer.’

‘We leven nog altijd in de wereld van de witte man’

We passeren Hotel New York, gevestigd in het voormalige hoofdkantoor van de Holland-Amerika Lijn, waar vroeger duizenden Europeanen, vol hoop op een beter leven, vertrokken naar Noord-Amerika. Vliek maakt zich zorgen over de verkiezing van Trump in de VS en het rechts-extremisme in Europa. Angst voor migranten vindt ze iets tegennatuurlijks. ‘Ik denk dat het intrinsiek menselijk is om elkaar te willen leren kennen. Wij zijn sociale wezens. En juist als mensen echt anders zijn, kun je veel van elkaar leren. Dat immigranten – en dan bedoelen we vandaag de dag meestal moslims – nu als iets kwaads worden gezien, iets waar we bang voor moeten zijn, dat vind ik heel kwalijk. Bovendien: de hele diversiteit aan mensen die de Koran gebruikt als leidraad wordt op deze manier om zeep geholpen. ‘
Maar ze ziet ook de keerzijde van het populisme. De felle reactie die het oproept. Idealen worden aangescherpt, emancipatiebewegingen zijn wakker geschud. ‘Je kunt wel tegenwerpen dat dit niet nodig zou moeten zijn, maar ik denk dat er al vóór de opkomst van het rechts-populisme in Europa en de VS nog een lange weg te gaan was wat betreft de emancipatie van minderheden. Nu is dat alleen maar meer zichtbaar geworden. Het is zoals de Nigeriaanse schrijfster Chimamanda Adichie aankaart: we leven nog altijd in de wereld van de witte man.’

Life goes on

De witte metalen draden van de Erasmusbrug torenen uit boven het hoofd van Vliek. Het is het eindpunt van de rondvaart. De laatste grote aanslag door Al Shabaab was in april 2015, op de universiteit in Garissa. 148 studenten kwamen om. Vliek verklaart de relatieve rust daarna uit het harde optreden van de Keniaanse overheid. De politie schiet iedereen die het verdenkt van terroristische activiteiten nu zonder pardon dood. Door Al Shabaab gerekruteerde Kenianen worden bij thuisfront voor het blok gezet: meewerken aan de ontmanteling van Al Shabaab of, zoals The Economist het eerder dit jaar formuleerde: ‘They can refuse, and risk being ‘disappeared’ by the police.’
Vliek en haar Engelsman keren nog regelmatig terug naar Kenia. Als ze in Mombasa zijn wippen ze altijd even binnen bij de oud-collega’s van Vliek. Maar over de aanslagen in de tijd dat ze er werkte wordt niet meer gesproken. ‘Als het niet meer actueel is, is het niet meer zo belangrijk, dat merk je wel. Life goes on, zeg maar.’

Dit interview verscheen eerder in de interviewspecial van Vox, die je hier online kunt lezen. 

Geef een reactie