Minister Rianne Letschert: ‘Onderwijs krijgt weer beetje meer vlees op de botten’
De nieuwe minister van Onderwijs, Rianne Letschert, heeft 1,5 miljard euro extra te besteden en daarmee wil ze ‘stabiliteit en rust’ terugbrengen. 'Goed, je weet natuurlijk nooit hoelang ik blijf zitten.'
Rianne Letschert is nu vijf weken minister van Onderwijs namens D66 in een minderheidskabinet met CDA en VVD, dat ze bovendien heeft helpen smeden. Ze was de informateur die de onderhandelingen in goede banen leidde.
Het onderwijs krijgt er 1,5 miljard euro bij. ‘Dat is goed nieuws’, zegt ze in Utrecht, waar ze de prijs voor de Docent van het Jaar komt uitreiken. ‘Daarmee kunnen we een groot deel van de bezuinigingen terugdraaien en ook nieuwe investeringen doen.’
Ze is dus een minister met geld, zegt ze zelf, al moet ze over de besteding nog onderhandelen. De coalitie heeft geen meerderheid, dus wat haar plannen ook zijn, steun van de Tweede Kamer (en daarna de Eerste Kamer) is niet vanzelfsprekend.
Een minister met geld. Is dat een opluchting?
Letschert: ‘Zeker! Als je kijkt wat de bezuinigingen hebben gedaan binnen het onderwijs en onderzoek… Ik merk bij het mbo, hbo en wo veel enthousiasme om met elkaar te kijken hoe we dat geld goed kunnen besteden.’
‘We gaan de basisbeurs voor uitwonende studenten wat omhoog doen’
Ze wil graag stabiliteit en rust brengen, vertelt ze. ‘De afgelopen regeerperiodes zijn er veel wisselingen geweest en dat heeft ook op het gebied van beleid en strategie steeds nieuwe dingen gebracht. En goed, je weet natuurlijk nooit hoelang ik blijf zitten, maar ik hoop vier jaar. Daar gaan we voor.’
Een van de grote onderwerpen in het hoger onderwijs is de stress onder studenten. Wat kan de politiek doen om die te verminderen?
‘We gaan de basisbeurs voor uitwonende studenten wat omhoog doen, dus dat geeft wat rust. Financiële stress helpt niet voor je mentale welzijn.’
Dat gaat om een paar tientjes per maand, toch?
‘Ja, maar voor een student is dat toch best een substantieel bedrag. Het gaat richting de vijftig euro, dus ik weet niet of dat nou ‘een paar tientjes’ is.’
En verder?
‘Het is ook belangrijk dat universiteiten blijven investeren in allerlei programma’s rondom studentenwelzijn. Die kwamen onder druk te staan door die bezuinigingen, want dan gaat het geld toch als eerste naar het onderwijs en onderzoek zelf. De extra middelen van dit kabinet geven het onderwijs weer net een beetje meer vlees op de botten om de programma’s rond sociale veiligheid en mentaal welzijn te kunnen voortzetten.’
Eerstejaarsstudenten krijgen ook stress van het bindend studieadvies. Nieuw onderzoek zet grote vraagtekens bij het nut van het bsa. Gaat u de regels aanpassen?
‘Uiteindelijk is het aan de onderwijsinstellingen zelf om te kijken wat ze kunnen doen voor het studiesucces, maar ik ga het onderzoek uiteraard wel goed lezen met de vraag: wat doet het bsa precies en vergt dit onderzoek een nieuwe discussie binnen de sector?’
Maar het onderzoek komt niet uit de lucht vallen en uw voorgangers wilden er graag iets aan veranderen. Ligt het bij u niet op tafel?
‘Het onderwerp staat niet in het coalitieakkoord, dus als ik daar iets mee zou gaan doen, zou dat om een gesprek met de coalitie vragen en uiteraard ook met de Tweede Kamer. Maar ik ben vooral benieuwd hoe de sector zelf naar zo’n onderzoek kijkt. Is het bsa de juiste manier om studenten te adviseren en tot ontplooiing te brengen? Die verantwoordelijkheid ligt daar. Het is niet alleen maar aan de politiek.’

Hoe ging die afweging in Maastricht toen u daar bestuurder was?
‘Dat verschilde per opleiding en per vakgebied en soms ook per decaan die daar de eindverantwoordelijkheid had. Maar nu ben ik geen universiteitsbestuurder meer.’
De bezuinigingen aan universiteiten en hogescholen komen niet alleen door maatregelen van het vorige kabinet, maar ook door de krimp van het aantal studenten. Ook uit het buitenland kwamen minder studenten hierheen. Het nieuwe kabinet wil weer meer ruimte bieden aan Engelstalig onderwijs.
Gaat u weer internationale studenten naar Nederland halen?
‘Naar Nederland halen klinkt zo instrumenteel, maar dit kabinet wil in elk geval kijken naar een ‘gerichte talentstrategie’. We willen een positieve agenda neerzetten en tegelijkertijd ook recht doen aan de knelpunten die universiteiten en hogescholen in bepaalde steden ervaren. De instellingen willen graag zelf de regie kunnen voeren. Daarover ga ik met hen praten.’
Als u vertrouwt op ‘zelfregie’ van het hoger onderwijs, wat is dan de rol van de politiek? Wat is de koers die u als minister uitzet?
‘Dat kan ik nog niet delen. Maar ik geef de instellingen graag vertrouwen. Ze hebben jarenlang gevraagd om bepaalde maatregelen van de politiek, zodat ze de internationalisering in goede banen konden leiden. Ze wilden bijvoorbeeld binnen opleidingen een numerus fixus op Engelstalige trajecten kunnen zetten. Die mogelijkheid staat inmiddels in de wet, dus zij kunnen dat stuur nu gaan gebruiken.’
Vertrouwen kan toch niet alles oplossen? Neem de werkdruk onder docenten en onderzoekers. Als bestuurders dat konden oplossen, dan hadden ze het toch al wel gedaan?
‘Bij die werkdruk moet je de effecten van de bezuinigingen niet uitvlakken. En de heftige crisis van de coronapandemie heeft ook wel echt iets gedaan met die instellingen. Ik vind dat ze zich daar heel goed doorheen hebben geslagen. Nu komt er een periode van hopelijk vier jaar met een stabiel kabinet, dat weer extra geld in die sector wil stoppen om een zekere rust en stabiliteit te creëren. Dat is ook met het oogmerk om iets tegen die werkdruk te doen.’
Eigenlijk wilde D66 veel meer geld, hè?
‘Altijd!’
Is die 1,5 miljard wel genoeg om de problemen aan te pakken?
‘Je moet realistisch zijn. Als je kijkt naar de uitdagingen waar dit land voor staat en wat we bijvoorbeeld vragen van de zorg en de sociale zekerheid, dan ben ik op dit moment gewoon heel blij dat wij binnen deze coalitie 1,5 miljard aan middelen voor het onderwijs hebben gekregen. Dat is een heel positief signaal. En ja, dan kan je zeggen: het is niet genoeg. Maar kijk ook naar de hele samenleving, naar de hervormingen in de zorg en sociale zekerheid. Dan denk ik dat we in het onderwijs heel tevreden kunnen zijn.’
Dit artikel werd geschreven door Bas Belleman (HOP).