Ook de Radboud Universiteit denkt na over de banden met Defensie, maar waar ligt de grens?

18 mrt 2026 ,

Terwijl de universiteiten moeten beknibbelen, krijgt Defensie (flink) meer geld te besteden. Het lijkt logisch dat de academische wereld daar een graantje van meepikt door samenwerkingen aan te gaan en in onderzoeken te stappen die door de krijgsmacht worden gefinancierd. Hoe wordt er aan de Radboud Universiteit nagedacht over de banden met Defensie, en: zijn ze wenselijk?

9 december, 2025. De zon laat zich nauwelijks zien op de Nijmeegse campus. In een vergaderzaal in het Elinor Ostromgebouw vindt een besloten bijeenkomst plaats. ‘Radboud Universiteit: samenwerking voor een weerbare samenleving’ staat op de uitnodiging die de veertig à vijftig deelnemers hebben ontvangen. Doel van de bijeenkomst: “gezamenlijk de contouren schetsen m.b.t. onze mogelijke bijdrage aan het bredere thema weerbare samenleving, met als onderdeel daarvan een mogelijke intensivering van de samenwerking met Defensie”.

De uitnodigingen zijn verstuurd in opdracht van rector magnificus José Sanders en decaan van de managementfaculteit Saskia Lavrijssen. De genodigden: vicedecanen onderzoek en een groep onderzoekers die “reeds actief zijn binnen het domein van ‘weerbaarheid’ of betrokken zijn bij samenwerking met Defensie of aan Defensie gerelateerde organisaties”, aldus de uitnodiging. Een volledige lijst van alle aanwezigen heeft Vox na navraag niet kunnen inzien vanwege AGV privacy-wetgeving. Wel heeft een universiteitswoordvoerder Vox in contact gebracht met een aantal aanwezigen, die later in dit artikel aan het woord komen.

Hybride dreigingen

De bijeenkomst aan de Radboud Universiteit komt niet uit de lucht vallen. Defensie speelt een steeds grotere rol in de samenleving, en dus ook op de universiteiten. “Om Nederland veilig en vrij te houden moeten kennisinstellingen meer samenwerken met het Ministerie van Defensie – en bedrijven in de defensie-industrie”, is eind 2024 al de pregnante boodschap van de Adviesraad voor Wetenschap, Technologie en Innovatie (AWTI) in het rapport ‘Kennisoffensief voor defensie – Onderzoek en innovatie voor een veilig Nederland’.

Vrede is niet vanzelfsprekend, betoogt de adviesraad. Immers, in Oekraïne is het oorlog en dat betekent dat er sprake is van een concrete dreiging op het Europese continent. Daarnaast staat in het rapport dat de technologische ontwikkelingen razendsnel gaan, ook op het gebied van oorlogsvoering. Een conflict wordt al lang niet meer alleen op de grond of in de lucht uitgevochten; cyberaanvallen en het verspreiden van desinformatie zijn net zo goed wapens die worden ingezet. Kennis, onderzoek en innovatie zijn daarom hard nodig voor een sterke Nederlandse Defensie, meent de AWTI.

NAVO-baas Mark Rutte waarschuwde in zijn eerste grote toespraak als secretaris-generaal ook al dringend dat we ons geestelijk moeten voorbereiden op oorlog: ‘Het is zonder twijfel de ergste veiligheidssituatie in mijn leven. En ik vermoed ook in dat van u.’ Om die dreigende oorlog te voorkomen, moet er veel meer geld naar Defensie, was Ruttes boodschap, die hij daarna meermaals zou herhalen.

‘Het is zonder twijfel de ergste veiligheidssituatie in mijn leven’

Het zijn dreigende woorden die het kabinet-Jetten uiterst serieus neemt. Het defensiebudget wordt flink opgeschroefd – alleen al in dit jaar stijgt dat met 3,4 miljard naar 26,8 miljard euro – en verschillende ministeries werken aan een gezamenlijk programma op het thema weerbaarheid, waar onder andere de Nationale Weerbaarheidstraining deel van uitmaakt. Aan mbo-instellingen, hogescholen en de Universiteit Groningen kunnen studenten inmiddels een minor in weerbaarheid volgen, waarna ze zich reservist mogen noemen. Ook voert het kabinet gesprekken met universiteiten en hogescholen over de mogelijkheden voor gezamenlijk onderzoek.

In de Defensie Strategie voor Industrie en Innovatie 2025-2029 staat dat denktanks, universiteiten, hogescholen en mbo’s een structurelere rol gaan spelen binnen het kennislandschap van Defensie: innovatievraagstukken worden bij hen uitgezet. Het leger stelt 1,15 miljard euro beschikbaar voor het opschalen en versterken van innovatie en defensie-industrie.

Illustratie: JeRoen Murré

Voormalig minister Ruben Brekelmans sprak het afgelopen jaar al met bestuursvoorzitters van de technische universiteiten in Nederland, om te verkennen welke kennis en technologieën zij in kunnen zetten.

NAVO-luchtruim

Als lid van de Universiteiten van Nederland (UNL) heeft ook de Radboud Universiteit contact met het ministerie om mogelijkheden tot intensievere samenwerking te verkennen. Op dit moment werken alle Nederlandse universiteiten samen aan een UNL-convenant. Dat zal onder andere randvoorwaarden bevatten over kennisveiligheid, wederzijdse afstemming van organisaties en werkprocessen en intellectueel eigendom, aldus Maroussia Van Gerven, beleidsadviseur bij UNL.

Ook heeft de UNL in de lente van 2025 samen met TNO en het ministerie een intentieverklaring ondertekend over het veilig houden van het Nederlandse en het NAVO-luchtruim. Daar draagt de Radboud Universiteit echter niet rechtstreeks aan bij, zegt een universiteitswoordvoerder desgevraagd. ‘Deze intentieverklaring is van UNL. Er is geen directe betrokkenheid van ons, noch is hierover besloten door de Radboud Universiteit.’

Morele dilemma’s

Dat betekent niet dat de universiteit geen betrokkenheid heeft met Defensie. Volgens rector José Sanders wil Nijmegen een eigen afwegingskader ontwikkelen om als universiteit voorbereid te zijn op eventuele samenwerkingsverzoeken op het gebied van weerbaarheid.

‘De bijeenkomst van afgelopen december was bedoeld om met elkaar te praten over waar we als universiteit staan op vlak van onderzoek naar weerbaarheid en veiligheid’, vertelt ze eind januari in een bestuurskamer in het Berchmanianum. ‘Door de veranderde context waarin we leven, worden die thema’s steeds urgenter. In de politiek is het een belangrijk onderwerp, maar ook binnen onze eigen academische gemeenschap kwamen er vragen over. De bijeenkomst was bedoeld ter voorbereiding om het gesprek binnen de gehele gemeenschap goed voorbereid te kunnen voeren, waarbij we alle stemmen willen horen.’

‘Tien jaar geleden had ik wellicht ook gezegd: blijf als universiteit ver weg van Defensie’

Op het vlak van de zogenaamde weerbare samenleving gebeurt er al van alles aan de Radboud Universiteit, vult Saskia Lavrijssen aan. Als decaan van de managementfaculteit houdt ze binnen het college van decanen de portefeuille weerbare samenleving (zie kader op pagina 10). ‘Verschillende onderzoekers werken bijvoorbeeld aan studies naar veiligheidsdiensten, historische ontwikkeling van militaire operaties, crisiscommunicatie, conflictstudies, morele dilemma’s, vraagstukken over inclusiviteit en diversiteit, organisatie van militaire operaties of cybersecurity-vraagstukken.’

Die vraagstukken rondom de weerbare samenleving passen volgens de decaan binnen de missie van de Radboud Universiteit, namelijk bijdragen aan een gezonde, vrije wereld met gelijke kansen voor iedereen. Lavrijssen: ‘De impact van alle spanningen in onze samenleving en hoe we daarmee op een verantwoordelijke manier kunnen omgaan, is echt iets waaraan wij als universiteit een bijdrage kunnen leveren. Vanuit onze brede achtergrond kunnen we een moreel kompas bieden voor alle belanghebbenden, waaronder de defensieorganisatie, die een rol spelen in de weerbare samenleving.’

Pragmatisch

De vele miljoenen die de komende jaren vanuit Defensie naar onderzoek en innovatie gaan, zijn volgens rector José Sanders wel een aanleiding, maar niet de reden waarom de Radboud Universiteit de bijeenkomst organiseerde. ‘Wij willen allereerst een wetenschappelijke bijdrage leveren aan een maatschappelijk vraagstuk en gaan uit van de vragen die wij als academische gemeenschap willen beantwoorden. Als er dan middelen komen om die te beantwoorden en onderzoekers kunnen inschrijven op oproepen om hun onderzoek te presenteren en daarvoor financiële steun te krijgen, moeten wij nadenken over de voorwaarden waarop wij eventueel aan dat onderzoek kunnen meewerken.’

Illustratie: JeRoen Murré

Volgens Bert Steenbergen, die als vicedecaan onderzoek van de Faculteit der Sociale Wetenschappen bij de bijeenkomst aanwezig was, werd er tijdens de werksessie gezegd dat ‘we ook als universiteit in een veranderde wereldorde zitten, omdat de beschikbare geldstromen wijzigen’.

Steenbergen doelt op beleid van het kabinet-Schoof, waardoor de Radboud Universiteit 37 miljoen euro moet bezuinigen tot 2030. Een groot deel daarvan wordt opgevangen door de ondersteunende diensten van de universiteit, maar aan alle faculteiten gelden zware maatregelen zoals een vacaturestop. Veel jonge, beloftevolle onderzoekers met een tijdelijk contract hebben de universiteit het afgelopen jaar verlaten. In zo’n situatie kunnen de gelden die vrijkomen voor onderzoek naar Defensie (zie kader) aanlokkelijk zijn.

‘Het lijkt me logisch en verstandig om daar als universiteit pragmatisch mee om te springen’, zegt Tom Heskes, vicedecaan onderzoek van de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica. Ook hij was één van de genodigden. ‘Tien jaar geleden had ik wellicht ook gezegd: blijf als universiteit ver weg van Defensie. Maar de wereld is nu anders dan tien jaar geleden.’

‘Goed communiceren’

De bijeenkomst van afgelopen december had volgens Sanders twee doelen: inventariseren welk onderzoek er op dit vlak al plaatsvindt aan de universiteit, maar ook verkennen hoe de academische gemeenschap hiernaar kijkt. ‘Het is de bedoeling om vandaaruit in de komende periode een breder gesprek te organiseren in de universiteit’, aldus de rector. Volgens Steenbergen, die als hoogleraar is verbonden aan het Behavioural Science Institute, was het gros van de aanwezigen het ermee eens dat de universiteit haar verantwoordelijkheid moet nemen op dit thema. ‘De algemene teneur was dat je enigszins voorbereid wilt zijn op de veranderende wereldorde. Niks doen is bijna geen optie. Als wij als universiteit, met de kennis en kunde die we hebben, ervoor kunnen zorgen dat onze samenleving beschermd blijft, dan moeten we daar toch een goede invulling aan geven. En dat kan ook met sociale invloed, hacks, gedragsbeïnvloeding en sociale media, dus niet alleen maar met geweren en kanonnen.’

Illustratie: JeRoen Murré

Een vraag die zich opdringt is hoe eventuele samenwerkingen met Defensie dan precies moeten gebeuren. Steenbergen pleit voor heel strikte voorwaarden en een goed overleg met de rest van de academische gemeenschap. ‘Als het college van bestuur zegt: we gaan met Defensie samenwerken, dan kun je verwachten dat er protesten komen. Ik denk met name van studenten, die zijn misschien nog ietsje activistischer op dat gebied. Dus het is belangrijk om hier heel goed over te communiceren en ook iets met die geluiden te doen.’

‘Een beetje geheimzinnig’

Afgaande op de reacties van twee studenten van de Universitaire Studentenraad, kan het college van bestuur wel nog enig weerwerk verwachten van de medezeggenschap. ‘Ander onderzoek mag niet ten koste gaan van onderzoek naar Defensie’, zegt Jannus van Wolferen van de Green+-fractie in de studentenraad. ‘Als je echt weerbaar wil zijn, dan moeten we juist extra investeren in klimaatonderzoek. Ik zou het heel jammer vinden als we in plaats daarvan onze pijlen op Defensie richten.’

Ook Noortje Smeenk van studentenvakbond AKKU heeft nog heel wat vragen over een samenwerking van de universiteit met Defensie. ‘Ik heb er moeite mee dat universiteiten eerst worden kaalgeplukt en dat er vervolgens veel geld beschikbaar komt voor onderzoek naar Defensie. In het kader van academische vrijheid zou een universiteit daar wel verzet tegen mogen aantekenen. Ik hoop dat er voldoende kritische reflectie vanuit de academische gemeenschap komt.’

‘Ander onderzoek mag niet ten koste gaan van onderzoek naar Defensie’

Toch vinden beide studenten dat bepaalde onderzoeken naar een weerbare samenleving wel een plek hebben aan universiteiten. Van Wolferen noemt onderzoeken naar PTSS-behandelingen of digitale soevereiniteit, Smeenk spreekt over onderzoek naar sociale cohesie. ‘Dat heeft niet direct iets te maken met geweld, maar het is wel een belangrijk onderdeel van hoe we ons kunnen weren tegen machtige actoren in de wereld.’

Toen ze hoorden over de bijeenkomst over de weerbare samenleving voor een selecte groep genodigden, waren de studenten naar eigen zeggen enigszins verbaasd. Van Wolferen: ‘Ik kan begrijpen dat we als Universitaire Studentenraad niet waren uitgenodigd voor de verkennende sessie, maar het voelt toch een beetje geheimzinnig.’

Mensenrechtenschendingen

Een belangrijke rol in de ontwikkeling van het beleid rondom samenwerken met Defensie is weggelegd voor de commissie samenwerkingsverbanden, die zich eerder onder meer boog over de banden tussen Nijmegen en Israëlische universiteiten. De commissie stelde op verzoek van het college van bestuur al een conceptadvies op.

Illustratie: JeRoen Murré

Dat advies ligt inmiddels bij de bestuurders (maar is nog niet vastgesteld) en is volgens commissielid en emeritus hoogleraar Paul Bovend’Eert in lijn met het eerdere kader over samenwerkingen van deze universiteit met internationale partners. ‘Onderzoek dat kan leiden tot directe of specifieke betrokkenheid bij mensenrechtenschendingen is ook wat betreft banden met Defensie een duidelijke rode lijn’, zegt hij. ‘Voor alle duidelijkheid: het Nederlandse leger is op dit moment niet betrokken bij mensenrechtenschendingen. Maar je moet als onderzoeker wel oppassen dat je niet samenwerkt met een partner die allerlei wapens levert aan overheden die dat wel zijn.’

Daarnaast is wetenschappelijke integriteit een grote prioriteit voor de commissie. ‘Nieuwsgierigheid gedreven onderzoek is erg belangrijk en het moet te allen tijde mogelijk zijn om te publiceren over bevindingen’, zegt Bovend’Eert. ‘Het onderzoek moet betrouwbaar, zorgvuldig en transparant zijn. Maatschappelijke partners die met de Radboud Universiteit in zee gaan, moeten zich hier aan committeren.’ Contractonderzoek voor bedrijven of een studie waarbij geheimhouding wordt gevraagd is dus een no go, wat de commissie betreft.

‘Het onderzoek moet betrouwbaar, zorgvuldig en transparant zijn’

Voor vicedecaan onderzoek van de bètafaculteit Tom Heskes had het advies van de commissie nog wel wat verder mogen gaan. Volgens Heskes zouden Nijmeegse wetenschappers zelf moeten kunnen afwegen of ze mee willen werken aan onderzoek voor Defensie of niet. ‘Natuurlijk zijn mensenrechtenschendingen een duidelijke rode lijn. Maar ik vind dat we nog steeds ruimte moeten laten aan wetenschappers om hierin afwegingen te maken. Als je als onderzoeker heel specifiek en nuttig onderzoek doet waar Defensie voor wil betalen, dan moet je volgens mij de vrijheid hebben om dat wel te doen. Ik zou het lastig vinden als de universiteit bepaalde onderzoeken bij voorbaat zou verbieden, bijvoorbeeld omdat ze vertrouwelijk zijn of er niet over gepubliceerd kan worden.’

Op welk vlak de bètafaculteit dan zou kunnen samenwerken met Defensie? ‘In vakgebieden als materiaalkunde, digital security en digitale soevereiniteit heeft onze faculteit heel wat expertise in huis die interessant zou kunnen zijn voor Defensie’, zegt Heskes.

Het is nu aan het college van bestuur en de medezeggenschap om al dan niet in te stemmen met het advies van de commissie. De rector lijkt het in ieder geval wel eens te zijn met het advies. ‘Het is belangrijk dat Defensie begrijpt dat een universiteit een kennisinstelling is die vanuit nieuwsgierigheid werkt en vanuit openheid en onafhankelijkheid vragen beantwoordt’, zegt Sanders. ‘Dat is iets anders dan zeggen: ontwikkel dit of maak dat voor mij. Het is belangrijk dat zij ons gaan zien als een partner met wie je samen kennis en vragen kan ontwikkelen. Net zoals de universiteiten samen met de gezondheidszorg al jaren een agenda maken van dingen waar we aan willen werken. Bovendien geldt voor iedere onderzoeker een eigen afweging om hierin wel of geen samenwerking te zoeken; dat is academische vrijheid.

Leuk dat je Vox leest! Wil je op de hoogte blijven van al het universiteitsnieuws?

Bedankt voor het toevoegen van de vox-app!

1 reactie

  1. W schreef op 18 maart 2026 om 09:10

    Elke euro naar defensie is een euro die uiteindelijk terechtkomt bij moordwapens, dood en verderf.

    De hele militariseringsdrang die Nederland in zijn greep houdt is gebaseerd op een hypothetische oorlogsdreiging. Maar stel er komt oorlog: wat heeft Nederland dan gedaan om die te voorkomen? He-le-maal niks. We hebben het internationaal recht buitenspel gezet door de genocide in Gaza maar te laten gebeuren. We blijven nauwe ‘bondgenoten’ met het extreemrechtse gewelddadige regime in Washington dat overal ter wereld chaos zaait en landen binnenvalt zonder heldere reden of doel. We houden ontwikkelingslanden arm en buiten ze uit voor ons eigen gewin. De oorlogsdreiging komt vanuit onszelf.

    We móéten militarisme afwijzen. We móéten pacifisme omarmen. Dat zijn we verschuldigd aan onze mensheid.

Geef een reactie

Vox Magazine

Het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit

lees de laatste Vox online!

Vox Update

Een directe, dagelijkse of wekelijkse update met onze artikelen in je mailbox!

Wekelijks
Nederlands
Verzonden!