Welters’ weemoedige wereld: Pinksteren
Tijdens Pinksteren wordt herdacht ‘dat de Heilige Geest, de derde Persoon van de Allerheiligste Drie-eenheid, neerdaalde uit de hemel op de apostelen en andere aanwezige gelovigen’ Maar voor de gemiddelde student, die zo graag koketteert met zo’n plastic bandje, zal het afgelopen weekend wellicht in het teken hebben gestaan van Pinkpop.
Ik mag er altijd graag een uurtje naar kijken, die kinderlijke adoratie van doorgaans kleine mannetjes met een grote gitaar. Op TV, welteverstaan. Want mezelf tussen de lemmingen begeven is nooit mijn ding geweest. En dat terwijl ik in eind jaren zeventig, toen ik nog in die contreien woonde, er gratis en voor niks heen had gekund. Mijn vader had namelijk een naaste collega die goed bevriend was met Jan Smeets. (Zo gaat dat in een cliëntelistische samenleving waar men de commissaris van de Koningin liever gouverneur noemt.) Maar ik sloeg het vrijkaartje beleefd af.
Om dezelfde reden laat ik ook altijd de oer-Nijmeegse Music Meeting, die afgelopen weekend plaatsvond, rechts liggen. Best leuk, al die fijne blanke linkse multiculti-mensen in een park waar de meer of minder getinte medemens op een verhoging vermeend authentieke wereldmuziek of zoiets ten gehore brengt. Maar dan graag zonder mij.
De angst voor de massa, dat saamhorig met zijn allen op zo’n modderig veld staan, ik gruw er nog steeds van. In de woorden van de psychiater-filosoof Jan-Hendrik van den Berg:
‘De menigte besluit niet. De menigte rijdt auto. Verlaat dit pad, tijdgenoot. Het kan nog. Kies het pad dat te smal is voor een spinale massa. Alléén moet men gaan, getweeën, gedrieën. Slechts in een kleine groep, of in eenzaamheid, is leven te vinden. Aan de kleine groep, aan de enkeling, openbaart dit bestaan zijn bezit, zijn bestemming. In het gaan van de massa is geen richting te onderscheiden. De massa verplaatst zich onder elkaar. Wie het leven zoekt gaat alleen. Hij verlaat de brede weg, die naar het verderf voert, en kiest het smalle, ongeplaveide pad, dat bij elke stap aandacht vraagt.’ (De Reflex, 1973)
Dansen, meedeinen op de maat van de massa, dat deed en doe ik liever niet. Hooguit in mijn hoofd. Of op de pedalen. Want dat deed ik het afgelopen weekend. Vanaf mijn Zuid-Limburgse geboortegrond de Ardennen in fietsen. Op zoek naar rustige weggetjes. Met de banden vol met wind, en het hoofd allengs leger.