Wetenschappelijke kwantiteit is wel degelijk kwaliteit
-
Adriaan Duiveman. Foto: Dick van Aalst
Slow science-voorstanders stellen dat een overproductie van publicaties ten koste gaat van de kwaliteit ervan. Columnist Adriaan Duiveman betoogt het tegenovergestelde: ‘Snelle wetenschap leidt tot goede wetenschap.’
Wetenschappers publiceren te veel. Dat stelt de Nijmeegse neerlandicus Marc van Oostendorp op Neerlandistiek.nl. Academici bestoken tijdschriftredacties, overvragen peer-reviewers en zadelen de arme wetenschapper op met een ondoenlijke hoeveelheid leeswerk om de staat van het veld maar enigszins bij te houden. Wat nu als iedere academicus maar één boek mag schrijven, mijmert Van Oostendorp. En wat als dat boek pas postuum verschijnt? Zouden dat dan niet briljante boeken worden?
Nee. Juist niet.
Kunstmatige intelligentie
Van Oostendorp wijt het overschot aan publicaties aan kunstmatige intelligentie. AI verhoogt zeker de publicatieproductie, maar de klachten zijn ouder dan haar intrede. Op Vox schreef collega-columnist Willem Halffman in 2022 een jeremiade tegen overproductie. Dat was nog voordat Chat en Claude lappen ongeïnspireerd academisch proza uitdraaiden. Ondertussen pleit de bredere slow science movement al decennia voor academische vertraging.
Aanhangers van deze beweging zijn ervan overtuigd dat kwaliteit en kwantiteit een trade-off zijn. Hoe meer publicaties je produceert, hoe minder tijd je in elke publicatie stopt en hoe slechter die publicaties worden. Als je daarentegen minder de wereld in slingert, wordt dat ene inzicht dat je wel deelt vanzelf briljant.
Echter, niets blijkt minder waar.
Het fotografie-experiment van Jerry Uelsman
Jerry Uelsman, fotografiedocent aan de University of Florida, deed een experiment met zijn studenten. Hij deelde zijn klas op in twee groepen. De ene groep moest vooral zoveel mogelijk kiekjes schieten. Hoe meer foto’s ze maakten, hoe hoger hun cijfer. De andere groep kreeg de opdracht om één hele goede foto te maken. Uelsman beoordeelde aan het eind van het semester de foto’s. Zijn conclusie: de foto’s uit de kwantiteitsgroep bleken aanzienlijk beter dan die van de kwaliteitsgroep.
Waarom? De kwantiteitsgroep schoot de ene foto na het andere. In al die pogingen experimenteerden de studenten met licht, compositie en sluitertijden. De leden van de kwaliteitsgroep zaten braaf te wachten tot het perfecte shot zich vanzelf aandiende. En dat gebeurde niet.
Edison & Bach
Op Uelsmans experiment kun je veel afdingen. Want kun je de kwaliteit van een foto überhaupt objectief vaststellen? Zijn conclusie past echter in een breder patroon. Wetenschapsjournalist David Epstein laat zien dat creatieve genieën niet per se beter begonnen dan de stervelingen, maar dat ze vooral heel veel meer deden dan anderen in hun veld. Bach componeerde heel veel matige stukken voordat hij het niveau van de Matthäus bereikte. Thomas Edison had honderden waardeloze patenten op zijn naam staan voordat hij de gloeilamp in elkaar knutselde. Kwantiteit, vat Epstein samen, leidt tot kwaliteit.
In de wetenschap lijkt hetzelfde aan de hand te zijn. In de jaren dat wetenschappers veel publiceerden, constateerden onderzoekers, publiceerden ze ook hun meest geciteerde artikelen. Snelle wetenschap leidt tot goede wetenschap. (Nu kunnen we erover twisten of citaties een goede kwaliteitsindicator zijn, maar die discussie parkeer ik even.)
Veel werk
Van Oostendorp, Halffman en de slow science-adepten hebben op één punt natuurlijk wel gelijk: de veelpublicerende wetenschapper zadelt haar collega’s op met enorm veel werk. Maar hier zijn oplossingen voor. Bijvoorbeeld door peer-reviewrapporten ook te publiceren, met de naam van de reviewer. Zo wordt al de noeste review-arbeid in ieder geval zichtbaar en erkend. Sommige tijdschriften experimenteren hier al mee.
Een andere oplossing is zo oud als het internet: bloggen. Op weblogs kunnen wetenschappers zonder peer-review en zonder (of met minimale) redactie een probeerselmassa creëren die leidt tot dat ene briljante tijdschriftartikel. Bloggen versnelt zo de wetenschap.
Beter nog, dat versnellen is precies wat Van Oostendorp zelf doet. Hij is een jaloersmakend grootproducent van digitale schrijfsels. Op Neerlandistiek.nl verschenen er tussen 1 januari en 13 april 2026 maar liefst 102 blogposts. Dat is één blogpost per dag.
En daar zitten heel goede tussen.
Lees alle columns van Adriaan Duiveman