Leeft de oorlogsdreiging bij studenten? ‘Ik ga de dreiging pas voelen als er een Rus voor mijn deur staat’
-
Aan tafel bij het studentenhuis van Kjell, Jimmy, Faas en Janne. Foto: Bert Beelen
Flessen water hebben ze niet in huis, wel flessen wijn. Studenten Kjell, Jimmy, Faas en Janne spoedden zich nog niet naar de winkel om een noodpakket aan te schaffen en maken zich druk om andere dingen dan een mogelijke oorlog. ‘Voor mij is het een ver-van-mijn-bedshow.’
Dronebeelden van de oorlog in Oekraïne, opnames van een compleet verwoeste Gazastrook, de overheid die oproept om een noodpakket in huis te halen en president Donald Trump die om de zoveel dagen een nieuwe dreiging richting een ander soeverein land uit – of het land zelfs binnenvalt. Wie het dagelijkse nieuws volgt, kan niet om (de dreiging van) oorlog en geweld heen. In hoeverre raakt het studenten? Voelen ze zich bedreigd?
Nieuw magazine
Dit artikel komt uit het nieuwe Vox-magazine, een special over Defensie. Hoe moet de Radboud Universiteit omgaan met Defensie? Welke samenwerkingen zijn er – en hoe ethisch is het hebben van banden met Defensie in tijden van oorlog? Het gehele magazine is hier te lezen.
Vox schoof aan bij het avondeten in een studentenhuis in Nijmegen, voor een gesprek met Kjell (26), Jimmy (24), Faas (25) en Janne (24). ‘Een gesprek over oorlog? Dat is wel wat anders dan we gewend zijn, normaal gaat het nergens over. Gisteren hadden we het nog gewoon over hoe veel er met carnaval was gezopen’, grapt Janne. Het ongemak aan de keukentafel is voelbaar nu er ineens een journalist meeschrijft en het over een serieus onderwerp gaat. Maar het is een geintje met een seintje, want zo heel vaak hebben de vier huisgenoten het niet over oorlog.
Jagers en verzamelaars
‘We hadden laatst een gesprek over wat we zouden doen als de oorlog uitbreekt en we zouden moeten overleven’, vertelt Kjell. ‘Zouden we in dat geval jagers of verzamelaars zijn?’
‘Toen kwamen we er toch vrij snel achter dat we allemaal verzamelaars zijn’, zegt Faas met een lach. ‘Wat dat betreft gaat het nog zwaar worden voor ons als de oorlog uitbreekt.’
Kjell: ‘Behalve waxinelichtjes en wat eten, hebben we weinig in huis. Geen radio of water, wat je volgens die brief over het noodpakket wel moet hebben. Wel heb ik nog een powerbank.’
Geen geld
Die blijken de anderen ook te hebben. ‘Maar je zult zien dat die dan net leeg is als de stroom uitvalt’, merkt Jimmy op.
Ondertussen is hij opgestaan om de tray bake uit de oven te halen. Verschillende groenten, malse kip en feta om het af te toppen.
‘Zouden jullie eigenlijk gaan zuipen als de oorlog uitbreekt?’
Wat er eigenlijk met de brief van de overheid, over het aanschaffen van een noodpakket om 72 uur zonder stroom te kunnen overleven, is gebeurd? De vier kijken elkaar aan. ‘Naar algemene post kijkt meestal niet echt iemand om’, biecht Janne op. ‘Als je mazzel hebt, ligt de brief hier een tijdje op tafel en doet iemand er toevallig iets mee.’ ‘Misschien is het wel verstandig om water in te slaan’, twijfelt ze hardop. De anderen knikken.
Noodpakket?
Bij een eerdere rondgang van Vox over de campus in Nijmegen bleek al dat veel studenten en medewerkers niet echt bezig waren met het inslaan van een noodpakket. Bekijk hier de video.
‘Laten we ook eerlijk zijn’, vult Kjell aan. ‘Wij hebben als studenten toch ook helemaal geen geld om zo’n uitgebreid noodpakket in te slaan.’
Bacterie in drinkwater
Het gesprek valt even stil. ‘Zouden jullie eigenlijk gaan zuipen als de oorlog uitbreekt?’ vraagt Jimmy plots. ‘De rest begint te lachen. ‘Ik heb nog wel een fles goede wijn staan’, herinnert Kjell zich. ‘Maar misschien is het verstandiger om die te bewaren, die is in verloop van tijd veel waard en kunnen we die ruilen voor eten.’
‘Ik denk dat veel studenten die oorlogsdreiging niet voelen’, zegt Kjell, terwijl hij zijn vork door de groenten op zijn bord roert. ‘Voor mij is het toch echt een ver-vanmijn-bedshow. Ik denk dat ik die oorlogsdreiging pas ga voelen als er een Rus voor mijn deur staat.’
Jimmy knikt instemmend. ‘Als ik zo’n brief van de overheid krijg, of beelden uit Oekraïne zie bijvoorbeeld, dan ben ik er op het moment zelf wel mee bezig, maar een dag later denk ik er al niet meer aan.’
De studenten zijn meer van het type bij de dag leven. Faas: ‘Toen begin van het jaar in Utrecht een bacterie in het drinkwater zat en het een tijdje ondrinkbaar was, zag je dat het water in winkels meteen uitverkocht was. Net zoals met corona, toen het toiletpapier overal uitverkocht was.’
Janne, met een knipoog: ‘Ja, zo gaan wij straks dus ook zijn als de pleuris uitbreekt en we geen water hebben hier.’ Ze begint te lachen en maakt een wegwerpgebaar naar haar huisgenoten. ‘Maar als het zo ver komt, is het ieder voor zich hier in huis hoor, wat mij betreft.’
Kattenfilmpjes kijken – of de krant lezen?
Ondanks de stortvloed aan onheilspellende nieuwsberichten is het gevoel van veiligheid van de studenten niet afgenomen, zeggen ze. Jimmy: ‘Ik scrol meteen door als ik zulke berichten op social media langs zie komen. Nieuwssites of een krant bezoek ik sowieso alleen maar als ik iets interessant vind en er meer over wil weten.’
Janne: ‘Bij mij zit het niet eens in mijn algoritme, joh. Ik krijg echt alleen maar katten- en kookfilmpjes.’
‘Op een vol Utrecht Centraal Station ging het soms door mijn hoofd dat ik op dat moment een doelwit zou kunnen zijn’
‘Ik lees nog wel de krant iedere dag’, wil Kjell zeggen. Maar die zin heeft hij nog niet afgemaakt of zijn huisgenoten onderbreken hem al om grappen te maken over de leeftijd van de huisoudste. ‘Ik voel me nu veiliger dan, pak ’m beet, tien jaar geleden’, vervolgt hij. ‘Toen kwam de oorlogsdreiging hier dichter bij door al die aanslagen. Denk aan de Bataclan-concertzaal in Parijs in 2015, of aan de verschillende kerstmarkten waar vrachtwagens of auto’s op de menigte inreden. Toen was de angst voor mij groter. Op een vol Utrecht Centraal Station ging het soms door mijn hoofd dat ik op dat moment een doelwit zou kunnen zijn. Nu is de dreiging hier vooral tussen staten. Of het nou de oorlog tussen Rusland en Oekraïne is of Trump die dreigt Groenland in te nemen: de gevolgen zijn minder direct dan bij een terroristische aanslag.’
Hij blijkt niet de enige van de groep te zijn met dat gevoel. ‘Ik weet nog dat ik rond die tijd in Parijs zat’, zegt Jimmy. ‘We gingen daar naar een kerstmarkt. Maar wel met een dubbel gevoel: eigenlijk wilde ik liever thuisblijven.’
‘Maar zo’n aanslag kan ook nu overal gebeuren’, zegt Janne. ‘Een vriendin van mij is voor een uitwisseling naar Sydney gegaan. Australië zou een van de veiligste landen ter wereld zijn, maar toen ze daar nog maar net zat, was die aanslag in Bondi Beach tijdens Chanoeka.’
Máxima
Een tweede ronde wordt opgeschept.
Faas: ‘Er wordt voor mijn gevoel wel meer geoefend door Defensie tegenwoordig. Ik zie bijvoorbeeld veel meer straaljagers overvliegen dan een paar jaar terug. Ik heb ook het idee dat er meer aandacht voor is vanuit de overheid. Ik zie veel advertenties langskomen van ‘Werken bij Defensie’.’
‘Als ik zie wat er gebeurt in Gaza, of Oekraïne – dat raakt me. Maar ik kan het uiteindelijk zelf niet veranderen’
‘Je merkt het toch ook aan die vrijheidsbijdrage (geld ophalen voor Defensie via de belasting, red.) die het nieuwe kabinet wil invoeren’, reageert Kjell. ‘En aan Máxima die sinds kort reservist is. Of Amalia die een opleiding bij Defensie ging doen.’
Jimmy: ‘Maar dat is toch ook gewoon een pr-campagne?’
‘Ik denk het wel’, zegt Kjell weer op zijn beurt. ‘Je ziet sowieso dat het koningshuis en het leger historisch gezien altijd wel met elkaar verbonden waren. Daar zit altijd wel wat propaganda bij… of althans, propaganda…’
Faas: ‘…er is een achterliggende gedachte.’
Kjell: ‘Juist, de overheid kan zo laten zien dat ze het erg belangrijk vindt.’
Jimmy: ‘Ja, Máxima gaat vast niet uit zichzelf heel graag oefenen met het leger.’
Orde van de dag
De borden zijn inmiddels leeg. De zware thematiek maakt hongerig, zo blijkt. Ook de laatste stukjes kip die nog op de bakplaat lagen, zijn weggeprikt.
‘Begrijp me niet verkeerd’, zegt Jimmy. ‘Het is niet zo dat ik me afsluit voor nieuws. Als ik zie wat er gebeurt in Gaza, of Oekraïne – dat raakt me. Maar ik kan het uiteindelijk zelf niet veranderen. En het gevolg daarvan is dat je overgaat tot de orde van de dag. Dat is ook makkelijker.’



