Wetenschap bij Vierdaagsefeesten: Kinderen leren van ecoloog hoe onmisbaar bijen zijn
-
Kinderen leren van Constant Swinkels over bijen. Foto: Johannes Fiebig
De Vierdaagsefeesten gaan niet alleen maar over feestvieren: er kan ook wat geleerd worden. Dat ontdekten nieuwsgierige kinderen deze zaterdag op het stadseiland, waar Radboudecoloog Constant Swinkels een lezing over bijen gaf.
Zo’n vijftien kinderen luisteren zaterdagmiddag aandachtig naar ecoloog Constant Swinkels, die gepassioneerd vertelt over waarom bijen belangrijk zijn om bloemen in leven te houden. Geen ingewikkelde wetenschappelijke verhalen: gewoon rechttoe rechtaan uitleg over waarom mensen meer van bijen moeten houden.
Het is de eerste van een drietal lezingen voor kinderen, georganiseerd door de Radboud Universiteit. Waar het bij de meeste lezingen gebruikelijk is dat de spreker op het podium staat, is het deze middag andersom. De kinderen zitten op de verhoging, terwijl Swinkels in het midden zijn verhaal doet.
Belangrijk voor ons voedsel
‘Hoeveel bijen zijn er in Nederland, denken jullie?’, vraagt de ecoloog aan het publiek – dat naast kinderen ook uit even enthousiaste ouders bestaat. De vingers schieten de lucht in. ‘19!’, roept een van de kinderen. ‘1000’, overtreft de volgende. Het antwoord blijkt ergens in het midden te liggen: Nederland telt zo’n 370 soorten bijen.

‘En die zijn natuurlijk heel belangrijk voor de bloemen – want zonder bestuivers gaan bloemen dood’, legt Swinkels uit. ‘En bloemen zijn weer belangrijk voor ons voedsel. Want zonder bloemen en bestuiving kan bepaald fruit of groente niet groeien.’
Als kers op de taart mogen de kinderen na afloop ook nog kijken naar een palet van opgezette insecten dat Swinkels heeft meegenomen. ‘Deze vind ik het vetst’, zegt Tibbe (7) terwijl hij na afloop naar de bombus hortorum wijst – in de volksmond beter bekend als de tuinhommel. ‘Die voelsprieten zitten zo gek naar voren.’
‘Ik vond het erg leuk om te zien’, vertelt Tibbe. En het blijkt ook nog eens leerzaam. ‘Ik wist niet dat er zo veel bijen waren in Nederland.’ Of hij nog weet hoe veel het er waren? ‘370!’, roept hij enthousiast.
Diersoorten zijn net als een taal
Ook Swinkels kijkt tevreden terug op de mini-lezing. ‘Dat de kinderen op het podium zaten is veel leuker dan wanneer ik zo hoog op het podium sta. Zo is er meer verbinding. En de kinderen waren enthousiast, dat was erg fijn.’
‘Sowieso vind ik het heel leuk als ik de fascinatie voor soorten weet aan te wakkeren bij kinderen’, gaat hij verder. ‘Ik vergelijk het met het leren van een tweede taal. Als je dat van jongs af aan doet, dan onthoud je de woorden makkelijk. Als je dan op latere leeftijd een nieuw woord leert, past dat zo in je vocabulaire. Zo is het ook met soorten. Ik ben op mijn tiende begonnen met het leren van insectensoorten. Dus als er nu bijvoorbeeld een nieuwe soort ontdekt wordt, dan kan ik die meteen tussen de rest plaatsen.’
De lezing was onderdeel van Professorproef: de nieuwe wetenschapspodcast van de Radboud Universiteit, waarbij kinderen vragen mogen stellen aan onderzoekers. Er komen nog twee lezingen voor kinderen deze week. Maandag vertelt Nathalie Hoekstra over waarom pesters eigenlijk pesten, de dag erop vertelt Khiet Truong over hoe robots luisteren en praten.
